Tijdpad voor de sport- en beweegwet

De regering moet begin 2027 een concreet tijdpad laten zien voor de sport- en beweegwet. Hierin moet staan wanneer het wetsvoorstel precies wordt ingediend. De huidige plannen voor deze wet zijn nu namelijk te onduidelijk en missen concrete afspraken.

Motie van de leden Mohandis en Inge van Dijk over begin 2027 met een concreet tijdpad voor een sport- en beweegwet komen

De kamer, constaterende dat er vanuit de Kamer, de Minister en het veld al jaren een wens ligt om tot een sport- en beweegwet te komen; overwegende dat de Minister heeft toegezegd met een stand-vanzakenbrief te komen, maar dit alles nog erg vrijblijvend is; verzoekt de regering begin 2027 bij de stand-van-zakenbrief met een concreet tijdpad te komen voor een sport- en beweegwet, inclusief het moment waarop het wetsvoorstel wordt ingediend.
24 september | PRO, CDA | Aangenomen: 135–15 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma VVD

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 85%)

Argumenten voor: De partij ziet sport en bewegen als essentieel voor een gezonde en vitale samenleving [2]. Zij willen de toegankelijkheid van sport vergroten voor onder andere mensen met een beperking [1] en de sportinfrastructuur versterken [4]. Daarnaast wil de partij de doorlooptijd van maatschappelijke wensen naar de realisatie van beleid verkorten [5].

Argumenten tegen: De partij is kritisch op het stapelen van wetten [3] en wil dat wetgeving efficiënter, simpeler en goedkoper wordt uitgevoerd [3]. Zij willen onnodig procesmatig papierwerk en bureaucratie verminderen [5].

Bronnen:

  1. "Nederland als sportland: We stimuleren samenwerking tussen sportverenigingen en scholen om kinderen meer aan het bewegen te krijgen. Mensen met een beperking moeten makkelijker toegang hebben tot sporthulpmiddelen en sportaccommodaties. We verduidelijken en vereenvoudigen het proces wanneer een minderjarige met een beperking recht heeft op een sportprothese. We willen het makkelijker maken voor werkgevers om hun werknemers sportvoorzieningen aan te bieden."
  2. "Of je nu voetbalt in de kelderklasse, liever in de sportschool staat of graag gaat wandelen: sport en bewegen is gezond, brengt mensen van jong tot oud samen, biedt ontspanning en plezier en helpt om fit te blijven. Het speelt daarmee een belangrijke rol voor een vitale en gezonde samenleving. Met sterke sportverenigingen en de juiste ondersteuning maken we het voor iedereen toegankelijk om te sporten en te bewegen. We zijn trots op alle vrijwilligers die zich inzetten op sportverenigingen."
  3. "Minder regelzucht, betere wetgeving: We zien nu te vaak dat de Tweede Kamer regel op regel stapelt, steeds om extra onderzoek vraagt en te vaak wetgeving ondoordacht verandert. Bij alle wetsbehandelingen kijken we hoe wetten efficiënter, simpeler en goedkoper kunnen worden. We maken meer tijd voor de behandeling van wetten en willen dat amendementen zoveel mogelijk voor aanvang van een debat worden ingediend en dat in het geval van ingrijpende amendementen er een week zit tussen het moment van indienen en de stemming over de amendementen. Bij ingrijpende amendementen moet het de standaard worden dat er een uitvoeringstoets wordt gedaan. Indien partijen de belastingen willen verhogen per amendement, moet altijd eerst in kaart worden gebracht wat het effect is voor het vestigingsklimaat en voor de koopkracht van werkende Nederlanders."
  4. "Sterke sportinfrastructuur: We versterken de positie van onze sportverenigingen, vrijwilligers en de unieke sportinfrastructuur. En we stimuleren dat er voldoende sport- en beweegmogelijkheden zijn in de buurt, ook bij de bouw van nieuwe wijken."
  5. "We stoppen vertraging in wetgeving: De doorlooptijd van maatschappelijke wens tot daadwerkelijke realisatie van beleid is nu vaak jaren. Om dit in te korten zetten we het mes in de hoeveelheid adviesorganen, adviescolleges, taskforces, commissies, zelfstandige bestuursorganen, etcetera. We waarderen extern advies, maar we willen ook snelheid. We rekenen topambtenaren af op het verminderen van onnodig procesmatig papierwerk en afvinklijstjes bij nieuw beleid en we verkorten procedures die voorafgaan aan indiening van een wet. We verkorten waar mogelijk beslistermijnen. Bij grote vraagstukken wijzen we aan welk ministerie doorzettingsmacht heeft, zodat problemen sneller worden opgelost."