De regering moet sport en bewegen gebruiken als voorbeeld in het investeringsmodel voor preventie. Sporten en bewegen zijn namelijk heel effectief om ziekte te voorkomen en leveren veel maatschappelijke voordelen op.
Motie van het lid Huizenga over sport en bewegen expliciet inbrengen als casus bij de uitwerking van het investeringsmodel voor preventie
De kamer,
constaterende dat het kabinet werkt aan een investeringsmodel voor
preventie om investeringen vooraf te relateren aan besparingen later;
overwegende dat sport en bewegen zeer effectieve onderdelen van
preventiebeleid kunnen zijn met veel maatschappelijke baten;
verzoekt de regering om sport en bewegen expliciet in te brengen als
casus bij de uitwerking van het investeringsmodel voor preventie, en de
Kamer hierover te informeren.
Argumenten voor: De partij wil dat sport en bewegen wordt betrokken bij beleidsvorming rondom zorg, welzijn en mentale gezondheid [2]. Ook wil de partij preventieve zorg en welzijn structureel financieren om de behoefte aan curatieve zorg te verminderen [3], waarbij rekening wordt gehouden met de effecten op andere beleidsterreinen [1].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten die tegen de motie ingaan.
Bronnen:
"Preventie is meer dan leefstijl. Het is ook investeren in welzijn en bestaanszekerheid. Om de baten van preventie goed te kunnen berekenen, ontwikkelen we een investeringsmodel waarin ook gekeken wordt naar de verschillende zorgwetten en de effecten op andere beleidsterreinen."
"We willen dat het Rijk en de gemeenten op korte termijn komen tot een nieuw Sportakkoord (op termijn een Sportwet), om zoveel mogelijk mensen te laten bewegen en te zorgen voor voldoende sportmogelijkheden. Ook wordt sport betrokken in beleidsvorming rondom zorg, welzijn, mentale gezondheid en re-integratiebeleid van uitkeringsgerechtigden en inburgeraars."
"Wij willen ons zorgstelsel toekomstbestendig houden en waar nodig op onderdelen hervormen. De Staatscommissie Zorg komt daarom op korte termijn met concrete voorstellen om de zorg betaalbaar, van hoge kwaliteit en beschikbaar te houden. We vragen de Staatscommissie Zorg te kijken naar:
* de balans tussen collectieve en individuele verantwoordelijkheid;
* de effecten van en balans tussen marktwerking en publieke sturing;
* welke zorg door welke wet geregeld moet worden (met name de Wlz versus de Zvw) en/ of populatiebekostiging binnen delen van de zorg hieraan kan bijdragen);
* hoe preventieve zorg en welzijn structureel gefinancierd kunnen worden, waardoor minder curatieve zorg nodig is."