Sport en bewegen in preventiebeleid

De regering moet sport en bewegen gebruiken als voorbeeld in het investeringsmodel voor preventie. Sporten en bewegen zijn namelijk heel effectief om ziekte te voorkomen en leveren veel maatschappelijke voordelen op.

Motie van het lid Huizenga over sport en bewegen expliciet inbrengen als casus bij de uitwerking van het investeringsmodel voor preventie

De kamer, constaterende dat het kabinet werkt aan een investeringsmodel voor preventie om investeringen vooraf te relateren aan besparingen later; overwegende dat sport en bewegen zeer effectieve onderdelen van preventiebeleid kunnen zijn met veel maatschappelijke baten; verzoekt de regering om sport en bewegen expliciet in te brengen als casus bij de uitwerking van het investeringsmodel voor preventie, en de Kamer hierover te informeren.
24 september | D66 |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 95%)

Argumenten voor: De partij stelt dat het voorkomen van ziektes essentieel is en dat mensen geholpen moeten worden om voldoende te bewegen [2]. Zij vinden dat iedereen de kans moet hebben om gezond te leven [1] en dat beweging vanaf jonge leeftijd cruciaal is voor de ontwikkeling [4]. Tevens is het waarborgen van voldoende sportfaciliteiten een prioriteit [3].

Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten die tegen het opnemen van sport en bewegen in een investeringsmodel voor preventie zijn.

Bronnen:

  1. "Iedereen moet de kans hebben om gezond te leven. Dat mag niet afhangen van je inkomen of waar je woont. We verkleinen gezondheidsverschillen en zetten in op preventie voor meer gezonde jaren."
  2. "We zetten vol in op het voorkomen van ziektes. Voorkomen is beter dan genezen. Dat kan als we mensen helpen gezond te eten en genoeg te bewegen. Dit doen we door verse groente en fruit goedkoper te maken. We gaan door met de plannen om roken, overgewicht en problematisch drankgebruik te verminderen (Nationaal Preventieakkoord). Er komt een grens aan de wettelijke hoeveelheid suiker in producten."
  3. "Bewegen en zwemmen. Iedereen in Nederland moet kunnen sporten en in ons waterrijke land is een zwemdiploma van groot belang. We stellen gemeenten in staat om te zorgen voor voldoende sportfaciliteiten en de kans om een zwemdiploma A te halen. Dat is een basisvoorziening. Er komt een gelijk tarief voor aangepast zwemonderwijs voor kinderen met een beperking. Op iedere school wordt de gymles weer gegeven door een bevoegde leraar."
  4. "Sport en spel. Vanaf jonge leeftijd bewegen is enorm belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen. Daarom zetten we in op een zwemdiploma voor ieder kind en twee uur gym bovenop buitenspelen. Zie hoofdstuk 'Zorg'."