De regering moet de gevolgen voor de landbouw en het platteland meewegen in het stikstofbeleid. De legalisatie van PAS-melders (boeren die wachten op een vergunning) moet voorrang krijgen op het verplaatsen van stikstofruimte naar andere sectoren. De landbouw is namelijk belangrijk voor de economie met 600.000 banen.
Motie van het lid Van der Plas over de maatschappelijke en sociaal-economische gevolgen voor de landbouw en het platteland expliciet meewegen bij de uitwerking van het stikstofbeleid
De kamer,
constaterende dat het kabinet bij Schiphol via de Balanced Approach
zoekt naar een balans tussen het belang van de luchthaven en de
gevolgen voor de leefomgeving;
overwegende dat ook de landbouw met 600.000 banen direct en indirect
van economische en maatschappelijke waarde is voor Nederland;
overwegende dat PAS-melders nog altijd te maken hebben met
onzekerheid over hun vergunning;
verzoekt de regering bij de verdere uitwerking van het stikstofbeleid de
maatschappelijke en sociaaleconomische gevolgen voor de landbouw en
het platteland expliciet mee te wegen, waarbij de legalisatie van
PAS-melders prioriteit krijgt boven externe saldering van agrarische
stikstofruimte naar niet-agrarische sectoren.
Argumenten voor: De partij wil dat PAS-melders permanent een vergunning krijgen om de onzekerheid voor deze bedrijven weg te nemen [1]. Daarnaast wil de partij de belangen van de landbouw en het platteland beschermen, aangezien het huidige stikstofbeleid volgens de partij het bestaansrecht van boerengezinnen bedreigt [3] en de partij streeft naar een bloeiend platteland [2].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten om tegen de motie te stemmen.
Bronnen:
"PAS-melders legaliseren
We geven bedrijven die tussen 2015 en 2019 een melding hebben gedaan in het PAS alsnog permanent een vergunning, zodat ze uit de onzekerheid worden gehaald en weer aan het werk kunnen."
"Een nieuwe kans voor Nederland: een trots land waar boeren floreren, voedsel lokaal groeit en ons platteland bruisend blijft."
"Het huidige stikstofbeleid is gebaseerd op computermodellen en aannames die geen verband houden met de werkelijkheid. Politici en bureaucraten gebruiken zogenaamde Kritische Depositiewaarden (KDW) om te beweren dat er een stikstofcrisis zou bestaan. In de praktijk is er echter geen stikstofprobleem: onze natuur is niet aantoonbaar in gevaar, integendeel. Boeren worden ten onrechte aangewezen als veroorzakers van een crisis die er niet is. De gevolgen zijn desastreus: het beleid zet druk op de voedselproductie, bedreigt het bestaansrecht van boerengezinnen en leidt tot kaalslag in het Nederlandse platteland."