De regering moet samen met Europese partners maatregelen nemen om de afhankelijkheid van landen als China bij kritieke grondstoffen te verkleinen. Dit gebeurt door de aanvoer te spreiden, de productie in Europa te versterken en recycling te bevorderen. Zo wordt Europa economisch en strategisch onafhankelijker.
Motie van de leden Maes en Lohman over maatregelen om de strategische afhankelijkheden van Europa op het gebied van kritieke grondstoffen aantoonbaar te verminderen
De kamer,
constaterende dat de EU op het gebied van kritieke grondstoffen sterk
afhankelijk is van derde landen, waaronder China;
overwegende dat de Europese Commissie van plan is op korte termijn
maatregelen te nemen gericht op het beschermen van de Europese
economische en strategische belangen;
overwegende dat die belangen gebaat zijn bij een grotere Europese
strategische onafhankelijkheid op het terrein van kritieke grondstoffen;
verzoekt de regering om samen met Europese en andere gelijkgezinde
partners aanvullende concrete maatregelen te initiëren om de strategische
afhankelijkheden van Europa op het gebied van kritieke grondstoffen
aantoonbaar te verminderen, door diversificatie van aanvoer, versterking
van Europese productie en verwerking en bevordering van recycling,
daarbij aan te geven welke afhankelijkheden prioritair worden verminderd
en binnen welke termijn, en de Kamer binnen een jaar te informeren over
de genomen maatregelen en bereikte resultaten.
Argumenten voor: De partij streeft naar Europese strategische autonomie om de afhankelijkheid van partijen buiten Europa te verminderen [2]. Er is specifieke zorg over de economische afhankelijkheid van China [1] en de wens om de afhankelijkheid van China en de VS te verminderen door de voorkeur te geven aan Europese goederen [3]. De partij wil dat ongewenste strategische afhankelijkheden in kaart worden gebracht en afgebouwd [6]. Daarnaast wordt het stimuleren van productie op het Europese continent [4] en het versterken van de circulaire capaciteit van de industrie [5] benoemd als relevante ambities.
Argumenten tegen: Geen argumenten tegen de motie gevonden in de verstrekte fragmenten.
Bronnen:
"De manier waarop China haar macht wereldwijd zichtbaar en onzichtbaar vergroot is zorgelijk. Op economisch vlak zijn we nu te veel afhankelijk van China. Daarom moet Nederland in Europa afspraken maken om zeggenschap of eigendom te behouden van cruciale bedrijven, kennis, of infrastructuur. Nederland blijft zich inzetten tegen de onderdrukking van Oeigoeren en christenen en voor het beëindigen van de bezetting van Tibet. Ook de schending van vrijheid en rechtsstaat in Hongkong, de dreiging richting Taiwan en de spanningen in de Zuid-Chinese Zee baren ons grote zorgen. Nederland steunt Taiwan."
"Voor grote grensoverschrijdende uitdagingen is Europese samenwerking noodzakelijk: (arbeids)migratiebeleid, klimaatverandering, belastingontwijking en een eerlijke (digitale) economie. In deze tijd met geopolitiek schuivende panelen is strategische autonomie op Europees niveau cruciaal. We willen dat Nederland (en Europa) minder afhankelijk wordt van anderen waar het gaat om essentiële producten zoals grondstoffen, basisproducten, digitale diensten (incl. onafhankelijkheid van Amerikaanse techreuzen), voedsel en energie. Het Europees Parlement vergadert voortaan alleen nog in Brussel. Reizen tussen Brussel en Straatsburg is kostbaar en inefficiënt."
"Het Rijk moet haar rol beter pakken om bij te dragen aan verduurzaming en om het mkb en sociale ondernemingen te betrekken bij aanbestedingen. We maken lokaal, duurzaam en biologisch inkopen de norm, ook bij aanbestedingen. Aanbesteden moet anders: de grens voor directe gunning aan het mkb wordt verhoogd, teksten bij aanbestedingen worden leesbaar en we stellen praktijkvoorbeelden van eenvoudiger inkopen ter beschikking. In het kader van strategische autonomie geven we de voorkeur aan de inkoop van Europese goederen en diensten, om de afhankelijkheid van China en de VS te verminderen."
"Medicatie moet voldoende beschikbaar zijn. Medicijntekorten pakken we aan. Om minder afhankelijk te worden van internationale productie, stimuleren we productie op het Europese continent."
"Circulaire bedrijven hebben het zwaar terwijl de circulaire economie de toekomst is. Circulaire producten zijn duurder dan wegwerpproducten en de vraag blijft achter. Normering van de vraag op Europees niveau is noodzakelijk om het circulair maken van de economie te laten slagen. We stimuleren de circulaire capaciteit van de industrie, bijvoorbeeld met ketenafspraken. Ketenafspraken met onvoldoende resultaat, zoals statiegeld op blikjes, worden dwingender opgelegd. Producenten worden waar mogelijk verantwoordelijk voor identificeerbare stromen, zoals luiers of plastics. Bij dit alles is van belang dat een eerlijk speelveld ontstaat en dat geen onnodig zware administratieve verplichtingen worden opgetuigd. Bestaande, soms prille hergebruikketens worden indien nodig financieel ondersteund. Met verplichte bronscheiding of nasortering en een verbrandingsverbod op recyclebare materialen, blijven deze langer beschikbaar voor de economie. Er komt een heffing op het gebruik van nieuw plastic (virgin plastic), zodat hergebruik van plastic lonend wordt."
"We willen dat iedereen beter wordt van internationale handel. Internationale handel wordt in toenemende mate ingezet als een geopolitiek instrument. Nederland moet daarin niet naïef zijn en bij (dreigende) importheffingen met gelijke munt terugslaan middels gerichte, proportionele en effectieve tegenmaatregelen zonder verdere escalatie uit te lokken. Diplomatieke kanalen moeten hierbij zoveel mogelijk worden opengehouden. Ongewenste strategische afhankelijkheden worden in kaart gebracht en zo snel mogelijk afgebouwd. Alle internationale handel moet voldoen aan (internationale) gedragsregels, zoals de Wvedio (Wet verantwoord en duurzaam internationaal ondernemen). Voor deze wet blijven we strijden omdat we willen dat iedereen beter wordt van internationale handel."