Kennis delen over Europese handhaving

De regering moet met de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) bespreken hoe zij Nederlandse ervaringen over de bescherming van werknemers tegen kerosinemotoremissie (schadelijke gassen van kerosinemotoren) in Europa kan delen. Dit zorgt voor een betere en gelijke bescherming van werknemers in de EU.

Motie van het lid Patijn over met de NLA in gesprek gaan over het belang van Europese handhaving op het gebied van kankerverwekkende stoffen

De kamer, constaterende dat de NLA de Schiphol Group op basis van de geldende Europese regelgeving over kankerverwekkende stoffen verplicht heeft om de blootstelling van werknemers aan kerosinemotoremissie en gerelateerde dieselmotoremissie te minimaliseren; overwegende dat de Nederlandse ervaring met de handhaving van deze regelgeving bijdraagt aan de kennis over de bescherming van werknemers en dat het delen van deze ervaringen met andere Europese arbeidsinspecties en het Senior Labour Inspectors Committee kan bijdragen aan een effectieve en eenduidige bescherming van werknemers en een gelijk speelveld binnen de Europese Unie; verzoekt de regering om met de NLA in gesprek te gaan over het belang van Europese handhaving op dit gebied en over de mogelijkheden om de Nederlandse ervaringen en inzichten onder de aandacht te brengen van de toezichthouders van de bij de Nordic Expert Group aangesloten landen en het Senior Labour Inspectors Committee om kennisuitwisseling, samenwerking of advisering binnen Europa te bevorderen.
7 oktober | PRO | Aangenomen |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma CDA

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij wil het mandaat van de Europese Arbeidsinspectie versterken om misstanden aan te pakken [1]. Zij streven naar goede arbeidsomstandigheden en een eerlijk speelveld voor ondernemers [2]. Bovendien is de partij ambitieus in Europa wat betreft arbeidsomstandigheden [3] en vindt zij dat iedereen recht heeft op fatsoenlijke arbeidsomstandigheden [4].

Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten tegen het delen van kennis of het versterken van Europese samenwerking op het gebied van arbeidsinspectie.

Bronnen:

  1. "Schijnconstructies met uitzendbureaus in andere EU-landen zorgen voor misstanden met niet-Europese arbeidsmigranten, de zogeheten derdelanders. Op Europees niveau zetten we vol in op verduidelijking van de regels en handhaving om dit soort schijnconstructies tegen te gaan. We versterken het mandaat van de Europese Arbeidsinspectie."
  2. "Voor laagbetaald werk zijn we te vaak afhankelijk van arbeidsmigranten uit andere delen van de EU, of daarbuiten. Veel werkgevers en opdrachtgevers zijn van goede wil, maar te vaak worden arbeidsmigranten behandeld op een manier die Nederland onwaardig is. De lusten voor de ondernemer, de lasten voor de samenleving en de risico's voor de arbeidsmigrant. Hier treden we streng tegen op. Ook om goedwillende ondernemers een eerlijk speelveld te geven. Onze norm is helder: behandel mensen fatsoenlijk en houd je aan de regels - ook op de dagen dat de Arbeidsinspectie niet langskomt."
  3. "We zijn ambitieus in Europa, qua klimaat, qua arbeidsomstandigheden, qua integratie van de Europese markt en snelheid van besluitvorming. Maar dan zetten we in principe geen Nederlandse kop op Europese regels. Wij steunen de initiatieven van de Europese Commissie om rapportages te versimpelen."
  4. "We moeten werk weer op waarde leren schatten. Voor elk pakketje dat de volgende dag wordt bezorgd, voor elke tomaat op ons bord en elke koffer die we op Schiphol inchecken, heeft iemand gezweet en gezwoegd. Iedereen in Nederland heeft recht op eerlijk loon en fatsoenlijke arbeidsomstandigheden. Door de krapte op de arbeidsmarkt is er in beginsel werk voor iedereen die kan werken. Dat biedt kansen voor mensen die op de arbeidsmarkt nu ongewild langs de kant staan. Dat vraagt wel vaak om her- en bijscholing."