De regering moet zorgen dat onafhankelijke onderzoekers toegang krijgen tot CBS-microdata. Dit zijn gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Zonder deze data is onderzoek naar de kosten en baten van migratie niet mogelijk. Onafhankelijke cijfers zijn essentieel voor een goed debat.
Motie van de leden Ceulemans en Boomsma over toegang tot CBS-microdata voor onderzoekers zonder universitaire aanstelling
De kamer,
constaterende dat het vervolgonderzoek van dr. Jan van de Beek naar de
budgettaire gevolgen van migratie stilligt omdat hij als onafhankelijk
onderzoeker thans geen toegang heeft tot CBS-microdata;
overwegende dat onderzoekers zonder universitaire aanstelling in de
praktijk afhankelijk zijn van de bereidheid van een instelling om hun
onderzoek te dragen;
overwegende dat actuele en onafhankelijke cijfers over de kosten en baten
van migratie onmisbaar zijn voor het publieke en politieke debat;
verzoekt de regering samen met het CBS te zorgen voor een begaanbare
route waarlangs serieuze, onafhankelijke onderzoekers zonder universitaire aanstelling onder dezelfde waarborgen toegang kunnen krijgen tot
CBS-microdata;
verzoekt de regering tevens er in ieder geval voor te zorgen dat dr. Jan
van de Beek op korte termijn toegang wordt verschaft tot de
CBS-microdata zodat hij in staat is zijn vervolgonderzoek uit te voeren.
Argumenten voor: De partij baseert haar standpunten over de kosten van migratie expliciet op het onderzoek van dr. Jan van de Beek [1]. Daarnaast voert de partij aan dat de huidige berekeningen van het CPB te beperkt zijn, omdat deze niet kijken naar de samenstelling van de beroepsbevolking of de herkomst van migranten [1]. De partij benadrukt de enorme financiële en sociale lasten die migratie met zich meebrengt [2][3], waardoor zij waarschijnlijk belang hebben bij onafhankelijk onderzoek dat de werkelijke kosten en baten van migratie in kaart brengt.
Argumenten tegen: De partij levert geen argumenten tegen het faciliteren van onafhankelijk onderzoek of de toegang tot microdata.
Bronnen:
"Nog een voorbeeld: de immigratie. Uit onderzoek onder meer van dr. Jan van de Beek - blijkt dat de ene immigrant de andere niet is. Een hoogopgeleide IT-er uit Toronto heeft een netto positief effect op onze welvaart, een analfabeet uit Nigeria een negatief effect. Cultuurverschillen doen ertoe. Wanneer je zegt: wij willen een volledige stop op immigratie uit Afrika en het Midden-Oosten en een aanzienlijke remigratie tot stand brengen van - zeg - 100.000 laagopgeleiden, maar tegelijkertijd willen we ruimte laten voor hoogopgeleide, Westerse migranten met specifieke vaardigheden waaraan wij behoefte hebben - dan zijn de economische implicaties daarvan voor het CPB 'te speculatief'. Zij willen louter kijken naar de 'beroepsbevolking' als zodanig, naar het 'nettomigratiecijfer' - maar niet naar de samenstelling van die beroepsbevolking of de herkomst van de migranten."
"De afgelopen decennia heeft Nederland een ongekend hoge instroom van migranten en asielzoekers te verduren gekregen. Dit heeft diepe sporen nagelaten in onze samenleving. Niet alleen is de druk op onze verzorgingsstaat, sociale voorzieningen en woningmarkt fors toegenomen, ook de veiligheid, culturele identiteit en sociale cohesie zijn ernstig ondermijnd. Het straatbeeld in veel steden en dorpen is ingrijpend veranderd; Nederlandse tradities, waarden en gewoontes zijn steeds minder vanzelfsprekend. Waar immigratie vaak als verrijking wordt gepresenteerd, laat de praktijk zien dat de sociale en financiële kosten immens zijn. Volgens ramingen van CBS en NIDI heeft bij ongewijzigd beleid in 2050 tot 40% van de Nederlandse bevolking een migratieachtergrond."
"Onderzoek toont aan hoe groot deze lasten zijn. Een Somalische migrant kost de Nederlandse samenleving gemiddeld €688.000 over zijn hele leven, een Syrische migrant gemiddeld €375.000. Deze bedragen bestaan uit uitkeringen, toeslagen, zorg en andere voorzieningen. De rekening komt terecht bij de Nederlandse belastingbetaler, terwijl de samenleving intussen steeds meer onder druk staat: er zijn minder woningen beschikbaar, minder ziekenhuisplekken, enzovoorts. Daarom is het niet genoeg om de instroom te stoppen: we moeten ook inzetten op remigratie. Wij willen mensen die hier niet aarden actief ondersteunen bij hun terugkeer. Met een remigratiebeurs maken we de terugkeer financieel aantrekkelijk, en met remigratiecoaches zorgen we voor begeleiding bij het vinden van werk, huisvesting en voorzieningen in het thuisland. Zo helpen we hen een toekomst elders op te bouwen, terwijl Nederland de ruimte, middelen en sociale samenhang terugkrijgt die dringend nodig zijn."