Status Shipdockscheepswerf behouden

De regering moet de provincie Noord-Holland vragen de status van de Shipdockscheepswerf als 'Industrieterrein van Provinciaal Belang' (IPB) te behouden. De werf is essentieel voor de nationale veiligheid en de energietransitie. Dit voorkomt dat de werf definitief verdwijnt voordat er een structurele oplossing is gevonden.

Motie van het lid Van Lanschot c.s. over de provincie Noord-Holland verzoeken de IPB-status voor de Shipdockscheepswerf te handhaven

De kamer, overwegende dat de Shipdockscheepswerf in Amsterdam-Noord essentieel is voor onze nationale veiligheid, de energietransitie en circulaire en grondstoftransities; constaterende dat het transformeren van deze locatie potentie biedt voor woningbouwontwikkeling, maar dit niet ten koste mag gaan van continuïteit van de werf; constaterende dat de provincie Noord-Holland, op verzoek van de Ministeries van EZK, Defensie en IenW, de werf daarom heeft aangewezen als Industrieterrein van Provinciaal Belang (IPB) en momenteel scenario’s worden onderzocht, waaronder verplaatsing van de werf; overwegende dat een integrale analyse van de benodigde nationale scheepswerfcapaciteit, inclusief worstcasescenario, wenselijk is voor een goede belangenafweging; verzoekt de regering om de provincie Noord-Holland te verzoeken de IPB-status voor de Shipdockscheepswerf te handhaven, totdat er zekerheid is over een structurele oplossing, zodat geen onomkeerbare stappen worden genomen die leiden tot verlies van deze scheepswerfcapaciteit.
8 oktober | CDA, 50PLUS, CU, JA21, Keijzer, Markusz, SGP, VVD | Aangenomen |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma BBB

Stemverwachting: voor (erg zeker, 95%)

Argumenten voor: De partij ziet de maritieme maakindustrie, inclusief scheepsbouw, als strategisch voor de economie en de nationale veiligheid [1]. Het is een essentieel onderdeel van ketens die de overheid actief moet beschermen tegen afvloeiing naar het buitenland [2]. De partij wil de maritieme sector versterken en de strategische rol voor Defensie optimaal benutten [6][5]. Bovendien is het behoud van dergelijke sectoren cruciaal voor de strategische autonomie en de economische en defensieve slagkracht van Nederland [4][3].

Argumenten tegen:

Bronnen:

  1. "Erkenning maritieme maakindustrie als strategisch. Scheepsbouw, offshore techniek, bagger, marinebouw en binnenvaart logistiek zijn van groot belang voor onze economie en veiligheid. BBB wil dat deze sector structureel wordt erkend als strategisch en dat beleid daarop wordt ingericht."
  2. "Bescherming strategische ketens tegen afvloeiing. De overheid moet actief voorkomen dat toeleveranciers in essentiële ketens (zoals chipproductie, defensie, scheepsbouw, agrofood en bouwmaterialen) verdwijnen naar het buitenland."
  3. "Versterking van de Nederlandse defensie-industrie en strategische autonomie;"
  4. "BBB vindt dat Nederland moet blijven maken en bouwen. De industrie is onmisbaar voor de voedselproductie, woningbouw, energietransitie, defensie, maritieme slagkracht en de regionale economie. Zonder sterke industrie géén strategische autonomie, geen fatsoenlijke werkgelegenheid en geen duurzame toekomst. We vinden het belangrijk om te investeren in sectoren met zowel civiele als militaire toepassingen om zowel de economische als defensieve slagkracht te versterken."
  5. "De maritieme sector, waaronder de scheepsbouw, moet worden versterkt en de strategische rol voor Defensie moet optimaal worden benut. Dit biedt kansen voor economische ontwikkeling en nationale veiligheid. Daarom is samenwerking tussen industrie en Defensie van groot belang voor duurzame groei."
  6. "Versterk de maritieme sector (onder andere scheepsbouw) en benut de strategische rol voor Defensie."