Robuuster maken inlaatwerk Bernisse

De regering moet het inlaatwerk Bernisse robuuster maken. Het systeem is cruciaal voor de Rotterdamse haven, de glastuinbouw en de landbouw op Voorne-Putten. Nu is de watertoevoer namelijk kwetsbaar voor verzilting (het binnendringen van zout water). Dit moet sneller gebeuren binnen het Deltaprogramma Zoetwater.

Motie van het lid Grinwis c.s. over inzetten op spoedige besluitvorming over en maximale medewerking verlenen aan het robuuster maken van het inlaatwerk Bernisse

De kamer, constaterende dat het zoetwatersysteem in de Rijn-Maasmonding met het inlaatwerk Bernisse in combinatie met het Brielse Meer van groot strategisch belang is voor de Rotterdamse haven en industrie, de glastuinbouw en het waterbeheer in het Westland en voor de landbouw en regionale waterhuishouding op Voorne-Putten, maar tegelijk kwetsbaar is voor verzilting; overwegende dat het inmiddels evident is dat het inlaatwerk Bernisse robuuster moet worden en meer aanvoercapaciteit dient te krijgen; verzoekt de regering in samenspraak met het waterschap Hollandse Delta, het hoogheemraadschap van Delfland en het Havenbedrijf Rotterdam in het kader van het Deltaprogramma Zoetwater in te zetten op spoedige besluitvorming over en maximale medewerking te verlenen aan het robuuster maken van het inlaatwerk Bernisse, en de Kamer over de voortgang in het eerste kwartaal van 2027 te informeren.
8 oktober | CU, BBB, CDA, VVD | Aangenomen |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij wil de waterkwaliteit verbeteren in samenwerking met waterschappen en agrarische- en natuurorganisaties [1]. Ze streven ernaar dat bodem en water sturend zijn bij de inrichting van het landschap en willen meer ruimte voor waterberging en infiltratie [2]. Daarnaast passen ze het uitgangspunt toe dat het waterpeil moet passen bij het bodem- en watersysteem van een gebied, waarbij prioriteit wordt gegeven aan gebieden waar waterbeheer essentieel is [3].

Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het programma die de noodzaak voor een robuuster zoetwatersysteem of de investeringen in het waterbeheer tegenhouden.

Bronnen:

  1. "Schoon water. Nederland heeft de slechtste waterkwaliteit van Europa door lozing van giftige stoffen door de industrie en door de intensieve land- en tuinbouw. Samen met de waterschappen en agrarische- en natuurorganisaties verbeteren we ons water zodat het voldoet aan Europese normen. Om dit te bereiken zetten we in op duurzame land- en tuinbouw en verplichten we het opstellen van een water- en bodemplan. Voor bedrijven scherpen we de regels voor de lozing van giftige stoffen aan en verbieden niet-toetsbare stoffen."
  2. "Droogte en drinkwatertekorten. Droogte is een sluipmoordenaar, zeker op plekken in Nederland waar de droogte hard toeslaat, zoals op de hoge zandgronden. Droogte en vervuiling brengen ook onze drinkwatervoorziening in gevaar. We maken daarom bodem en water sturend bij de inrichting van ons landschap en houden water langer vast. Alle vormen van onttrekking van grondwater door bedrijven, boeren en burgers worden vergunningsplichtig en we stoppen stapsgewijs met vergunningen voor onbepaalde tijd. Er komt meer ruimte voor waterberging, infiltratie en drinkwatervoorzieningen. We maken werk van drinkwaterbesparing en we blijven uitgaan van het principe de gebruiker betaalt."
  3. "Het water op peil. We passen het uitgangspunt 'functie volgt peil' toe. Dat betekent dat we het waterpeil kiezen dat past bij het bodem- en watersysteem van een gebied. In de veenweidegebieden voorkomen we de oxidatie van het veen en daarmee bodemdaling en CO₂-uitstoot. We geven prioriteit aan de gebieden waar de kosten voor waterbeheer hoog zijn of waar de natuur achteruitgaat. Daar stimuleren we natte natuur en natte landbouw."