Samenwerking in de Rode Zee verbeteren

De regering moet bij toekomstige militaire inzet in de Rode Zee de mogelijkheden binnen de Combined Maritime Forces benutten. De huidige militaire inzet is versnipperd. Door de krachten met internationale partners te bundelen, wordt de inzet effectiever.

Motie van het lid Hoogeveen over bij toekomstige Nederlandse maritieme inzet in en rond de Rode Zee nadrukkelijk de mogelijkheden binnen de Combined Maritime Forces bezien

De kamer, constaterende dat zowel de Combined Maritime Forces als de EU-operaties ASPIDES en ATALANTA actief zijn op het terrein van maritieme veiligheid in en rond de Rode Zee; overwegende dat Nederland formeel deelnemer is aan de Combined Maritime Forces, waarin ook belangrijke bondgenoten als de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk met omvangrijke militaire capaciteiten actief zijn; constaterende dat de IOB in haar evaluatie van de Nederlandse inzet in de Rode Zee concludeert dat de internationale militaire inspanningen versnipperd waren en dat bundeling van krachten mogelijk effectiever was geweest; verzoekt de regering om bij toekomstige Nederlandse maritieme inzet in en rond de Rode Zee nadrukkelijk de mogelijkheden binnen de Combined Maritime Forces te bezien; verzoekt de regering in Europees verband aan te dringen op bundeling van krachten met internationale partners voor een effectievere inzet van beschikbare capaciteiten.
8 oktober | JA21 | Verworpen: 74–75 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma DENK

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij is een voorstander van Europese defensiesamenwerking [1] en is een pragmatische voorstander van de EU, waarbij zij stelt dat uitdagingen beter in Europees verband kunnen worden aangepakt [2]. Daarnaast benadrukt de partij dat Nederland moet samenwerken voor internationale rechtvaardigheid [3].

Argumenten tegen: De partij is geen voorstander van een Europees leger en wil dat Nederland zelf blijft bepalen wanneer militairen worden ingezet [1]. Daarnaast hechten zij aan de soevereine zeggenschap over het land en de inspraak van het nationale parlement bij EU-regelgeving [2].

Bronnen:

  1. "Wij zijn een voorstander van Europese defensiesamenwerking, maar geen voorstander van een Europees leger. Wij moeten altijd zelf blijven bepalen of onze militairen worden ingezet."
  2. "Wij zijn pragmatische voorstanders van de EU: als wij uitdagingen beter in Europees verband kunnen aanpakken, dan zijn wij daar een voorstander van. Wij hechten aan het borgen van inspraak van ons nationale parlement bij EU-regelgeving en hechten aan het behouden van onze soevereine zeggenschap over hoe ons land wordt bestuurd."
  3. "*Nederland moet samenwerken voor internationale rechtvaardigheid!*"