De regering moet de ministersplaatsen voor Caribische studenten herstellen of een vergelijkbare regeling invoeren. Hiermee krijgt deze groep studenten meer kansen en toegang tot het onderwijs in Nederland.
Motie van het lid Ergin over het herintroduceren van de ministersplaatsen of een gelijksoortige regeling
De kamer,
constaterende dat de Kamer door middel van een motie (31 288, nr. 1118)
de regering heeft opgeroepen om de zogeheten ministersplaatsen te
herintroduceren voor Caribische studenten;
verzoekt de regering de ministersplaatsen of een gelijksoortige regeling te
herintroduceren, en de Kamer voor het zomerreces te informeren.
Argumenten voor: Er is geen directe onderbouwing in het verkiezingsprogramma te vinden die de herintroductie van ministersplaatsen voor Caribische studenten ondersteunt.
Argumenten tegen: De partij is kritisch op het aantrekken van internationale studenten, omdat dit volgens hen leidt tot verdienmodellen die 'ten koste van Nederlandse studenten' gaan, waarbij specifiek wordt verwezen naar de druk op de woning- en kamermarkt [1]. Het introduceren van specifieke regelingen voor studenten van buiten Nederland zou kunnen worden gezien als in strijd met het streven om Nederlandse studenten prioriteit te geven.
Bronnen:
"Kennisinstellingen in het hoger onderwijs worden naar rato van studentenaantallen door de rijksoverheid gefinancierd. Dit zorgt voor een 'perverse prikkel' om aantrekkelijke stu -dies aan te bieden die vooral aansluiten bij de leef- en denk -wereld van de aankomende student. Deze zogenaamde 'pretstudies' vinden nauwelijks aansluiting op de beroeps -praktijk in een Nederlandse economische sector. Het finan -cieringsmodel zorgt er ook voor dat het werven van internationale studenten een verdienmodel is geworden. Dat gaat ten koste van Nederlandse studenten, bijvoorbeeld door de enorme druk op de woning- en kamermarkt."