De regering moet een verbod invoeren op het roken van cannabis in de openbare ruimte. Dit verbod is nodig omdat het gebruik van cannabis in de buitenlucht leidt tot overlast, stank en gezondheidsrisico's voor omstanders. Bovendien helpt een verbod om het drugsgebruik minder normaal te maken.
Motie van de leden Bikker en Diederik van Dijk over een blowverbod in de publieke ruimte
De kamer,
overwegende dat het gebruik van cannabis in de publieke ruimte bijdraagt
aan normalisering van drugsgebruik, leidt tot stank en andere vormen van
overlast en bovendien gepaard gaat met gezondheidsrisico’s voor
gebruiker en omstanders;
verzoekt de regering een blowverbod in de publieke ruimte uit te werken
en t implementeren, en de Kamer over de voortgang hiervan te
informeren.
Argumenten voor: Er is geen directe onderbouwing in het verkiezingsprogramma te vinden voor een blowverbod. Wel stelt de partij dat de publieke ruimte een veilige plek moet zijn waar asociaal straatgedrag harder wordt aangepakt [2].
Argumenten tegen: De partij pleit expliciet voor het legaliseren van softdrugs om een einde te maken aan het verdienmodel van de georganiseerde misdaad en de focus te leggen op accijns en voorlichting [1]. Een algemeen blowverbod in de publieke ruimte staat haaks op het uitgangspunt van legalisering, waarbij het reguleren van de markt en verkoop centraal staat in plaats van repressieve beperkingen in de openbare ruimte.
Bronnen:
"Eenduidig drugsbeleid. We legaliseren softdrugs en breiden de lijst van softdrugs uit met MDMA. Door legalisering maken we een einde aan het verdienmodel van de georganiseerde misdaad, beperken we slachtoffers door foute drugs, pakken we brandgevaarlijke drugslabs en wietplantages aan en beperken we de milieuschade van afvaldumping. Tegelijkertijd zorgen we voor betere voorlichting over drugs en wordt er accijns geheven over de verkoop."
"Veilig over straat. Of het nu gaat om het lastigvallen van vrouwen, het uitschelden van homo's of discriminerende teksten, de publieke ruimte moet een veilige ruimte zijn. Asociaal straatgedrag wordt harder aangepakt en daders krijgen voortaan te maken met verplichte gedragscursussen bovenop hun straf, hogere boetes en gebiedsverboden."