De regering moet een nieuwe werkdefinitie van antisemitisme gebruiken. Deze definitie moet voldoen aan het internationaal recht en duidelijk onderscheid maken tussen antisemitisme en kritiek op het beleid van de Israëlische regering. De huidige IHRA-definitie beperkt de vrijheid van meningsuiting te veel en belemmert legitieme kritiek op Israël.
Motie van het lid Teunissen over een werkdefinitie van antisemitisme hanteren die in lijn is met het internationaal recht en mensenrechten
De kamer,
constaterende dat antisemitisme een vorm van discriminatie is die
wereldwijd schade aanricht aan Joodse gemeenschappen en effectief
bestreden moet worden;
overwegende dat kritiek op het beleid van de Israëlische regering geen
antisemitisme is, maar vrijheid van meningsuiting;
overwegende dat het kabinet de IHRA-definitie hanteert, die ruimte biedt
om kritiek op het beleid van de Israëlische regering in te perken en te
bestempelen als antisemitisme;
overwegende dat mensenrechtenorganisaties zoals Amnesty aanbevelen
om de definitie van de VN-verklaring over de uitbanning van alle vormen
van onverdraagzaamheid en discriminatie te hanteren;
verzoekt de regering een werkdefinitie van antisemitisme te hanteren die
in lijn is met het internationaal recht en mensenrechten en duidelijk
onderscheid maakt tussen antisemitisme en kritiek op de Israëlische
regering.
Argumenten voor: Er is geen directe onderbouwing in het verkiezingsprogramma te vinden die het wijzigen van de IHRA-definitie van antisemitisme ondersteunt.
Argumenten tegen: Er is geen directe onderbouwing in het verkiezingsprogramma te vinden die expliciet ingaat op de IHRA-definitie of de definitie van antisemitisme.