Nieuwe definitie voor antisemitisme

De regering moet een nieuwe werkdefinitie van antisemitisme gebruiken. Deze definitie moet voldoen aan het internationaal recht en duidelijk onderscheid maken tussen antisemitisme en kritiek op het beleid van de Israëlische regering. De huidige IHRA-definitie beperkt de vrijheid van meningsuiting te veel en belemmert legitieme kritiek op Israël.

Motie van het lid Teunissen over een werkdefinitie van antisemitisme hanteren die in lijn is met het internationaal recht en mensenrechten

De kamer, constaterende dat antisemitisme een vorm van discriminatie is die wereldwijd schade aanricht aan Joodse gemeenschappen en effectief bestreden moet worden; overwegende dat kritiek op het beleid van de Israëlische regering geen antisemitisme is, maar vrijheid van meningsuiting; overwegende dat het kabinet de IHRA-definitie hanteert, die ruimte biedt om kritiek op het beleid van de Israëlische regering in te perken en te bestempelen als antisemitisme; overwegende dat mensenrechtenorganisaties zoals Amnesty aanbevelen om de definitie van de VN-verklaring over de uitbanning van alle vormen van onverdraagzaamheid en discriminatie te hanteren; verzoekt de regering een werkdefinitie van antisemitisme te hanteren die in lijn is met het internationaal recht en mensenrechten en duidelijk onderscheid maakt tussen antisemitisme en kritiek op de Israëlische regering.
21 april | PvdD | Verworpen: 63–87 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma Volt

Stemverwachting: tegen (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: Er zijn geen directe argumenten in het verkiezingsprogramma die het vervangen van de huidige IHRA-definitie ondersteunen. De partij zet zich wel in voor antidiscriminatie en de bescherming van mensenrechten [2], wat in theorie gedeeld kan worden door het doel van de motie om antisemitisme integraal te bestrijden zonder de vrijheid van meningsuiting aan te tasten.

Argumenten tegen: Volt steunt expliciet het programma van de Nationaal Coördinator Antisemitismebestrijding (NCAB) [1]. Aangezien het huidige Nederlandse overheidsbeleid onder deze coördinator de IHRA-werkdefinitie hanteert, zou het afwijken van deze definitie haaks staan op de steun die de partij uitspreekt voor het bestaande beleid en de uitvoerende instantie. Bovendien richt de partij zich op een voortrekkersrol binnen de EU bij het bestrijden van discriminatie tegen Joden [1].

Bronnen:

  1. "Volt steunt het programma van de Nationaal Coördinator Antisemitismebestrijding (NCAB). Nederland moet zich inspannen om een voortrekkersrol op zich te nemen binnen de EU in het bestrijden van complottheorieën (online en offline) en discriminatie en terreur tegen Joden en Joodse organisaties."
  2. "Wij zetten ons in voor antiracisme en antidiscriminatie en bestrijden alle vormen van racisme en discriminatie. Overheidsmiddelen mogen niet worden gebruikt voor tradities of uitingen die stereotypen in stand houden. Scholen en organisaties moeten kritisch kijken naar lesmateriaal en activiteiten die (onbewuste) racisme en discriminatie kunnen versterken. We ondersteunen mensen die zich door racisme of discriminatie uitgesloten voelen."