Inzet subsidie voor biologische landbouw

De regering moet een groot deel van de 25 miljoen euro voor landbouwsubsidies inzetten om boeren te helpen overstappen op biologische landbouw. Biologische boeren bewijzen dat er goede, duurzame alternatieven zijn voor kunstmest. Hiermee wordt de landbouwsector minder afhankelijk van vervuilende kunstmest en energie.

Motie van het lid Teunissen

De kamer, constaterende dat het kabinet 25 miljoen euro vrijmaakt om de landbouw minder afhankelijk te maken van kunstmest en energie; constaterende dat biologische boeren al lange tijd laten zien dat er voldoende duurzame alternatieven zijn voor het gebruik van kunstmest; verzoekt de regering een significant deel van dit bedrag in te zetten voor de stimulering van of omschakeling naar biologische landbouw.
22 april | PvdD |

Partijstandpunten

Verkiezingsprogramma CU over dit onderwerp

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Waarom voor? De partij streeft expliciet naar een 'gebalanceerde landbouwsector' die 'extensiever' is [3]. In het programma wordt specifiek genoemd dat er 5 miljard euro extra beschikbaar wordt gesteld om boeren te ondersteunen bij onder andere de 'omschakeling naar biologische landbouw' [1]. Dit sluit direct aan bij het doel van de motie om financiering in te zetten voor deze omschakeling.

Waarom tegen? De partij focust sterk op 'doelsturing' in plaats van 'middelvoorschriften', waarbij de boer zelf de ruimte krijgt om binnen emissienormen keuzes te maken [2]. Men zou kunnen beargumenteren dat het verplicht sturen van een specifiek bedrag naar één type landbouw (biologisch) als een ongewenst middelvoorschrift kan worden gezien, in plaats van de boer de vrijheid te geven zelf de meest effectieve weg naar emissiereductie te kiezen.

Bronnen:

  1. "Bij alles wat we doen om uit het stikstofmoeras te komen is 'borgen van de aanpak' het sleutelwoord. Dit houdt in dat op voorhand duidelijk moet zijn dat beleid en maatregelen leiden tot een zekere reductie van schadelijke emissies, en daarmee bijdraagt aan natuurherstel. Dat is noodzakelijk om voorbij het additionaliteitsvereiste te komen. Pas dan komt vergunningverlening weer op gang en houden afgegeven vergunningen stand voor de rechter. Dat is dan ook de reden dat bij doelsturing op het boerenerf er altijd een stok achter de deur zal moeten staan, zodat de emissiereductie op voorhand geborgd is. Daarbij is het niet de bedoeling daadwerkelijk dierrechten te schrappen, wel om er zeker van te zijn dat er minder stikstof wordt uitgestoten en vergunningen weer kunnen worden verleend. Als een boerenbedrijf in alle redelijkheid te weinig doet om onder zijn emissieplafond uit te komen, dan is op dat moment minder dieren houden de consequentie. Daartegenover staat dat er 5 miljard euro extra uitgetrokken wordt om boeren te helpen bij doelsturing, extensivering, omschakeling naar biologische landbouw, agrarisch natuurbeheer en natuurherstel." (0.723)
  2. "Boeren moeten weer kunnen ondernemen. Er komt daarom zoveel mogelijk doelsturing in plaats van middelvoorschriften. Om de boer in zijn kracht te zetten, worden abstracte, landelijke doelen bedrijfsspecifiek gemaakt. De overheid werkt vanuit vertrouwen in het vakmanschap van de boer, en ondersteunt waar nodig. In plaats van bijvoorbeeld kalenderlandbouw, waarbij boeren op zandgrond verplicht zijn hun aardappels vóór 1 oktober te oogsten terwijl die nog niet volgroeid zijn, krijgt de boer zelf de ruimte om keuzes te maken die passen binnen de gestelde emissienormen. Het huidige stikstofbeleid is te veel gericht op de neerslag (depositie) van stikstof. Dit levert schijnzekerheid en complexe techniek op zoals het Aerius-model. Daar willen we van af. Om ondernemers aan de slag te laten gaan met stikstofreductie wordt er gestuurd op emissies. Duurzaamheidsdashboards zoals de Kringloopwijzer in de melkveehouderij en benchmarkingsinitiatieven in onder andere de akkerbouwsector worden verder uitgerold. Aan dergelijke instrumenten worden eerst beloningen en op termijn heffingen of sancties verbonden. We steunen jonge boeren en zij-instromers door bedrijfsovername makkelijker te maken, bijvoorbeeld met garantieregelingen. Kortlopende, vrije pacht wordt ontmoedigd en langlopende, loopbaanbestendige pacht gestimuleerd. De overheid helpt boeren die willen extensiveren actief aan de benodigde grond via de Nationale Grondbank." (0.711)
  3. "Onze boeren, tuinders en vissers werken dagelijks in weer en wind om ons van ons voedsel te voorzien. Vaak zijn het familiebedrijven die, ondanks vaak te lage prijzen en ingewikkelde regels en rechtsonzekerheid, ons van voedsel voorzien en voor onze omgeving zorgen. Als rentmeesters geven ze invulling aan Gods opdracht om de schepping te bewerken en bewaren. Ze onderhouden ons prachtige Nederlandse landschap. Helaas is het huidige landbouw- en voedselsysteem door politieke en commerciële druk niet meer in balans met de omgeving en natuur. De ChristenUnie streeft naar een gebalanceerde landbouwsector: extensiever en met meer oog voor de natuur. Krimp van de veestapel gaat daarbij gepaard met een passend hernieuwd verdienmodel voor de boer." (0.710)