De regering moet een groot deel van de 25 miljoen euro inzetten voor biologische landbouw. Biologische boeren laten al lang zien dat er goede duurzame alternatieven zijn voor kunstmest.
Motie van het lid Teunissen over biologische landbouw stimuleren met een significant deel van de middelen die zijn vrijgemaakt om de landbouw onafhankelijker te maken van kunstmest en energie
De kamer,
constaterende dat het kabinet 25 miljoen euro vrijmaakt om de landbouw
minder afhankelijk te maken van kunstmest en energie;
constaterende dat biologische boeren al lange tijd laten zien dat er
voldoende duurzame alternatieven zijn voor het gebruik van kunstmest;
verzoekt de regering een significant deel van dit bedrag in te zetten voor
de stimulering van of omschakeling naar biologische landbouw.
Argumenten voor: De partij wil stevig inzetten op de uitbreiding van de biologische landbouw en is bereid boeren te helpen bij het omschakelen naar deze vorm van landbouw [1]. Daarnaast streeft de partij ernaar om het gebruik van kunstmest tot een minimum te beperken [2]. De partij wil bovendien dat de duurzame optie de meest aantrekkelijke wordt [3].
Argumenten tegen: Er is geen informatie in het verkiezingsprogramma die redenen geeft om tegen deze motie te stemmen.
Bronnen:
"Biologische landbouw. Biologische boeren laten al jaren zien dat het produceren van gezond en hoogwaardig voedsel met een kleine voetafdruk mogelijk is. Wij zetten daarom stevig in op uitbreiding van de biologische landbouw. We helpen boeren bij het omschakelen en geven hen een eerlijke vergoeding voor het beheren van ons landschap. Ook stimuleren we het bijmengen van biologische producten en biologische inkoop."
"Van industriële naar duurzame landbouw. De jarenlange focus op schaalvergroting en intensivering heeft de natuur en boeren uitgeput. Het aantal boeren neemt af terwijl het aantal megastallen stijgt. Industriële landbouw is slecht voor ons klimaat, onze natuur, ons landschap, dierenwelzijn en onze gezondheid. Een groot deel van het geproduceerde eten exporteren we naar het buitenland, terwijl wij met de vervuiling blijven zitten. We passen daarom onze productiecapaciteit aan naar wat onze natuur aankan. Daarbij kiezen wij voor een grondgebonden en natuurinclusieve landbouw, waarbij het aantal landbouwdieren wordt aangepast aan de hoeveelheid veevoer die in de directe omgeving kan worden geproduceerd, en de hoeveelheid mest die daar kan worden uitgereden. Dat leidt onvermijdelijk tot een krimp van de veestapel en een einde aan de bio-industrie. Sectoren die voor het overgrote deel produceren voor de export, moeten als eerste krimpen. Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen en kunstmest wordt tot een minimum beperkt."
"Een gezonde natuur is de basis van het leven en van een duurzame voedselproductie. De natuur geeft ons drinkwater, gezond en goed voedsel van vruchtbare bodems en schone lucht. Maar door kortetermijnwinsten te verkiezen boven zorg voor ons drinkwater, landschap, onze bodem en luchtkwaliteit staan de natuur en onze gezondheid onder druk. Vervuilers betalen ondertussen niet voor hun uitstoot en boeren krijgen geen eerlijke beloning voor landschapsbeheer en goede zorg voor de natuur. Wij doen dat wel, zodat de duurzame optie ook de meest aantrekkelijke wordt. Zo blijven de natuur en wijzelf gezond, voorkomen we uitputting van water en grond, en blijft Nederland een fijne en mooie plek om te wonen."