Eén samenhangend kader voor investeringen

De regering moet één samenhangend stelsel van regels voor investeringen maken. Nu sluiten subsidies en vergunningen vaak niet op elkaar aan. Hierdoor lopen ondernemers vast in tegenstrijdige regels. Dit zorgt voor vertraging, extra kosten en minder investeringen.

Motie van het lid Inge van Dijk c.s. over één samenhangend regelgevend kader voor investeringen

De kamer, constaterende dat regelingen van de overheid in de praktijk soms onvoldoende op elkaar aansluiten in de uitvoering, waardoor ondernemers wel gebruik kunnen maken van subsidies of fiscale regelingen, maar vervolgens vastlopen in andere regelgeving van dezelfde overheid, bijvoorbeeld bij vergunningverlening; overwegende dat dit kan leiden tot vertraging, extra kosten of het uitblijven van investeringen; van mening dat een samenhangend en voorspelbaar regelgevend kader essentieel is voor een goed investeringsklimaat, zodat ondernemers niet worden geconfronteerd met tegenstrijdige of blokkerende regels; verzoekt de regering in overleg met bedrijven in kaart te brengen waar binnen het huidige stelsel sprake is van tegenstrijdige, overlappende of in de uitvoering belemmerende regels voor ondernemers bij overheidsregelingen; verzoekt de regering voorstellen te doen om te komen tot één samenhangend regelgevend kader voor investeringen, zodat ondernemers niet tussen verschillende beleids- en uitvoeringssystemen klem komen te zitten en investeringen sneller en voorspelbaarder kunnen worden gerealiseerd.
23 april | CDA, D66, VVD | Aangenomen: 147–3 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma BBB

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil dat de regelgeving op nationaal niveau drastisch vermindert [1] en streeft naar een verlaging van de regeldruk voor bedrijven [2]. Zij stellen dat stroperige procedures en regeldruk het ondernemerschap ontmoedigen [3] en dat de overvloed aan regels en controles de productiviteit schaadt [4]. Specifiek voor investeringen wil de partij dat groeibedrijven niet vastlopen in dure juridische trajecten [5]. Daarnaast wil de partij dat vergunningsprocedures en investeringsvoorwaarden worden afgestemd op de praktijk [6].

Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het verkiezingsprogramma die redenen geven om tegen deze motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Minder regelgeving. De regelgeving op nationaal niveau moet drastisch verminderen en worden getoetst op de impact op ons concurrentievermogen."
  2. "We investeren in ons vestigingsklimaat. Daarbij erkennen we de bijdrage die onze bedrijven, zowel multinationals als mkb-bedrijven, leveren aan onze schatkist. Multinationals zijn erg belangrijk, voor de werkgelegenheid, voor innovatie maar ook voor onze mkb-bedrijven. Veel Nederlandse mkb-bedrijven zijn een belangrijke toeleverancier voor onze multinationals. We verlagen de regeldruk en houden hier zo veel als mogelijk rekening mee bij belastingmaatregelen."
  3. "Een sterke economie begint bij vertrouwen in eigen kunnen. Nederland is groot geworden door mensen die durf tonen, vakmanschap bezitten en kansen grijpen. Van boerencoöperaties en familiebedrijven tot startups, mkb'ers, zzp'ers en grote ondernemingen: zij zorgen voor werk, vooruitgang en welvaart. Niet de overheid creëert waarde, maar mensen die ondernemen, bouwen, verhandelen en verbeteren. Toch maken we het deze hardwerkende mensen steeds moeilijker. Regeldruk, hoge lasten en stroperige procedures ontmoedigen ondernemerschap, terwijl andere landen hun bedrijven juist koesteren. Dat moet anders."
  4. "Burgers en bedrijven worden overbelast met controles, regels en formulieren. Dit kost miljarden aan uitvoeringskosten én aan productiviteit."
  5. "Eenvoudige juridische structuren voor doorgroei. Start-ups en groeibedrijven moeten niet vastlopen in dure juridische trajecten bij investeringen of overnames. BBB wil dat de overheid samen met brancheverenigingen en ontwikkelmaatschappijen breed toepasbare standaardmodellen ontwikkelt en beschikbaar stelt voor investeringsrondes, participaties en exits. Dat verlaagt de drempel, vergroot het vertrouwen en bespaart onnodige kosten."
  6. "Gelijk speelveld in grensregio's. Wat net over de grens wél kan, moet hier ook kunnen. Vergunningsprocedures, infrastructuur en investeringsvoorwaarden worden ook afgestemd op de praktijk in de regio."