Economische analyse voor Miljoenennota 2027

De regering moet in de Miljoenennota 2027 een heldere economische structuuranalyse opnemen. Begrotingskeuzes moeten gebaseerd zijn op een stevige analyse van de economie. Ook moet de regering onderzoeken hoe staatsdeelnemingen (bedrijven waar de staat eigenaar van is) kunnen helpen om Nederland strategisch sterker en welvarender te maken.

Motie van het lid Inge van Dijk c.s. over een heldere economische structuuranalyse in de Miljoenennota 2027

De kamer, constaterende dat de Raad van State wederom het belang benadrukt van het baseren van begrotingskeuzes op een stevige economische structuuranalyse; overwegende dat de Ministeriële Taskforce Toekomstige Welvaart en Vestigingsklimaat werkt aan een samenhangende economische strategie voor Nederland; overwegende dat staatsdeelnemingen ook kunnen bijdragen aan het versterken van het toekomstig verdienvermogen en strategische autonomie, door gericht te investeren in strategische sectoren en activiteiten; verzoekt de regering in de Miljoenennota 2027 een heldere economische structuuranalyse op te nemen en die te koppelen aan de economische strategie en concrete maatregelen zoals voorgesteld door de Ministeriële Taskforce Toekomstige Welvaart en Vestigingsklimaat; verzoekt de regering daarbij separaat ook te analyseren hoe staatsdeelnemingen kunnen worden ingezet voor het versterken van het toekomstige verdienvermogen en de strategische autonomie van Nederland.
23 april | CDA, D66, VVD | Aangenomen: 147–3 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma BBB

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij stelt dat de concurrentiekracht van Nederland afneemt door een gebrek aan economisch strategisch beleid en wil dat het economisch beleid gericht is op het versterken van het concurrentie- en verdienvermogen [5]. Daarnaast hecht de partij groot belang aan strategische autonomie [1][6], waarbij zij stelt dat een sterke industrie onmisbaar is voor deze autonomie en het toekomstig verdienvermogen [3]. Ook wil de partij inzetten op economische kansen in specifieke sectoren en regio's waar Nederland sterker van wordt [2].

Argumenten tegen: De partij pleit voor minder beleid en meer uitvoering, en wil bureaucratie wegnemen om innovatie te garanderen [4].

Bronnen:

  1. "Versterking van de Nederlandse defensie-industrie en strategische autonomie;"
  2. "Economische kansen in regio's en sectoren waar Nederland zelf sterker van wordt."
  3. "BBB vindt dat Nederland moet blijven maken en bouwen. De industrie is onmisbaar voor de voedselproductie, woningbouw, energietransitie, defensie, maritieme slagkracht en de regionale economie. Zonder sterke industrie géén strategische autonomie, geen fatsoenlijke werkgelegenheid en geen duurzame toekomst. We vinden het belangrijk om te investeren in sectoren met zowel civiele als militaire toepassingen om zowel de economische als defensieve slagkracht te versterken."
  4. "Behalve in Defensie gaan we stap voor stap verantwoord toegroeien naar investeringen die in breed verband bijdragen aan onze veiligheid en weerbaarheid. Deze bredere uitgaven versterken de nationale veerkracht, wat zich uitbetaalt in voordelen voor zowel de krijgsmacht en de economie als de samenleving als geheel. We kiezen ervoor om technologie in te zetten om de efficiëntie van de krijgsmacht te vergroten en onze manschappen zo min mogelijk in gevaar te brengen. We zullen procesmatige barrières en bureaucratie wegnemen om snelle en effectieve innovatie binnen Defensie en de bijbehorende industrie te garanderen. Minder beleid en meer uitvoering."
  5. "De concurrentiekracht van Nederland neemt af door extra regelgeving, hoge lasten en een gebrek aan economisch strategisch beleid. Europese regels worden vaak vergaand doorvertaald en nationaal verzwaard. We zetten in op een economie die past bij de kracht van Nederland: slimme landbouw, technische innovatie, hoogwaardige productie en sterke regio's. Economisch beleid moet gericht zijn op versterking van ons concurrentie- en verdienvermogen."
  6. "Strategische autonomie bewaken. Essentiële productiecapaciteit en kritieke kennis behouden we in Nederland of Europa."