Waterkwaliteit waarborgen in EU-regels

De regering moet ervoor zorgen dat de Omnibus Food and Feed (een EU-pakket over voedsel en veevoer) de waterkwaliteit niet verslechtert. Nederland moet in 2027 voldoen aan de Kaderrichtlijn Water (EU-regels voor schoon water). Het versoepelen van regels voor schadelijke stoffen zoals pfas brengt de volksgezondheid en het milieu in gevaar.

Motie van de leden Bromet en Kostić over bij de Omnibus Food and Feed voorstellen doen die Nederland in staat stellen om de doelen van de Kaderrichtlijn Water sneller te behalen

De kamer, constaterende dat Nederland nog een grote opgave heeft om vanaf 2027 te voldoen aan de eisen voor waterkwaliteit die volgen uit de Kaderrichtlijn Water (KRW); overwegende dat het versoepelen van regels voor de herbeoordeling van stoffen, waaronder mogelijk de prioritaire stoffen uit de KRW, pfas en TFA, afbreuk doet aan de voorwaarde die het kabinet en de Kamer stellen om de waterkwaliteit, volksgezondheid en milieu onverminderd te beschermen; van mening dat Nederland goede wil moet tonen dat het zich committeert aan de juridisch bindende doelen van de KRW, en dat het hiertoe van belang is dat de Omnibus Food and Feed in geen enkel geval deze opgave bemoeilijkt; verzoekt de regering om bij de Omnibus Food and Feed gerichte voorstellen te doen die Nederland bewezen in staat stellen om de doelen van de Kaderrichtlijn Water sneller te behalen en in ieder geval niet in te stemmen met voorstellen die dat bewezen bemoeilijken; verzoekt de regering om tijdig vóór het definitieve beslismoment over de Omnibus Food and Feed op basis van wetenschappelijke inzichten in kaart te brengen wat de gevolgen van het pakket zijn op het gebied van waterkwaliteit en het voldoen aan de KRW, en dit zwaar mee te wegen in het definitieve kabinetsstandpunt over het totaalpakket.
12 mei | GL-PvdA, PvdD |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma BBB

Stemverwachting: tegen (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij streeft naar een gerichte aanpak van chemische vervuiling, waarbij specifiek de bestrijding van PFAS wordt genoemd om vervuiling van buitenwater tegen te gaan [2]. Daarnaast ziet de partij gezond water als een fundament voor de veiligheid, voedselvoorziening en leefomgeving [5] en beschouwt zij waterzekerheid als een fundamenteel recht [3]. Ook geeft de partij aan dat extensiveringsinstrumenten worden toegepast waar dit strikt noodzakelijk is voor het behalen van Europese doelen rondom waterkwaliteit [7].

Argumenten tegen: De partij pleit voor uitvoerbare en haalbare normen bij de toepassing van de Kaderrichtlijn Water (KRW) [1]. Er is een sterke wens om een rem te zetten op 'verstikkende en onuitvoerbare' EU-richtlijnen [6]. Specifiek over de Omnibus-vereenvoudigingen stelt de partij dat deze regels over duurzaamheid niet ver genoeg gaan [6]. Bovendien wijst de partij op negatieve effecten van KRW-maatregelen, zoals verzilting door beleid rondom vismigratie, wat nadelig is voor de landbouw [4].

Bronnen:

  1. "Waterkwaliteit meten aan ecologie. Een goede waterkwaliteit meten wij af aan een goede plantengroei, goede visstand en dus een goede ecologie. Cijfers op papier ontleend aan de modellenwerkelijkheid zijn niet leidend. De Kaderrichtlijn Water (KRW) moet in Nederland gelijk aan de buurlanden worden toegepast, met uitvoerbare en haalbare normen. Waar de waterkwaliteit op orde is, worden gebieden niet langer als kwetsbaar gebied aangemerkt."
  2. "Gerichte aanpak chemische vervuiling. Bestrijding van PFAS, medicijnresten en drugsafval uit stedelijk water is geboden om vervuiling van buitenwater tegen te gaan."
  3. "Goed en veilig waterbeheer. Nederland is wereldwijd een gidsland voor goed waterbeheer. Waterzekerheid is een fundamenteel recht en een randvoorwaarde voor voedselzekerheid en economische stabiliteit."
  4. "Verhoogde aandacht voor zoet water. In Nederland passeert veel zoet water vanuit meerdere Europese landen. Om de hoeveelheid zoet water in onze rivieren op peil te houden voor een leefbaar Nederland, dienen er afspraken te worden gemaakt in Europa die de verdeling van water organiseren. We zullen moeten inzetten op stuwen en sluizen om de waterafvoer beter te kunnen controleren. Zeeland heeft een zoetwaterbuffer nodig zodat kostbaar zoet water kan worden vastgehouden in plaats van dat het de zoute Scheldes in stroomt. Aandacht is ook nodig voor verzilting door maatregelen in het kader van de KRW met betrekking tot vismigratie. Een voorbeeld hiervan is het Lauwersmeer, dat een zoetwaterbuffer kan zijn maar door natuurbeleid (vismigratie) wordt verzilt, met gevolgen voor de pootaardappelteelt en voor de natuur. Dit geldt ook voor de inlaat van zout water in het grootste zoetwaterbekken van Nederland, het IJsselmeer."
  5. "Nederland is een waterland van terpen en wierden, een land waar waterschappen al acht eeuwen zorgen dat er kan worden gewoond en gewerkt. Dit qua oppervlakte kleine land, is groot geworden door een combinatie van nuchterheid, vakmanschap en aanpassingsvermogen. In een veranderend klimaat waarin weersextremen toenemen en de houdbaarheid van ons landschap onder druk staat, ziet BBB waterbeheer niet als sluitpost, maar als fundament voor onze veiligheid, voedselvoorziening en leefomgeving. Waterzekerheid is voor BBB een wezenlijk recht. Daarom kiezen we voor robuust en realistisch beleid: gericht op veiligheid, gezond water, samenwerking en toekomstbestendige keuzes, van de bron tot aan de monding. Zoals we kernachtig zeggen: droge voeten in natte tijden, natte voeten in droge tijden."
  6. "Rem op onuitvoerbare verduurzaming. BBB wil een rem op de verstikkende en onuitvoerbare EU-richtlijnen ten aanzien van verduurzaming (zoals bijhouden van CO2-administratie en plastictax) en andere regelgeving. De voorgestelde Omnibus-vereenvoudigingen inzake de doorgeschoten regels over duurzaamheid gaan BBB niet ver genoeg."
  7. "Schaars gebruik instrumenten extensivering. Extensiveringsinstrumenten worden alleen toegepast waar strikt noodzakelijk voor het behalen van Europese doelen rond natuur- en waterkwaliteit."