De regering moet nieuwe samenwerkingen met India stopzetten totdat Insiya is teruggekeerd. Deze Nederlandse burger is tien jaar geleden met geweld naar India ontvoerd. Jarenlange diplomatieke pogingen hebben niet geholpen om haar terug te krijgen.
Motie van de leden Van der Plas en Schilder over de woorden ‘anders handelen’ concreet maken en een eventueel nieuw strategisch partnerschap of bilaterale samenwerking met India in de ijskast zetten totdat Insiya daadwerkelijk is teruggekeerd naar Nederland
De kamer,
constaterende dat Insiya, Nederlands staatsburger en zonder enige andere
nationaliteit, inmiddels bijna tien jaar geleden met geweld uit Nederland
naar India is ontvoerd en nog altijd niet is teruggekeerd;
constaterende dat jarenlange diplomatieke inzet tot op heden niet heeft
geleid tot terugkeer, contactherstel of uitvoering van Nederlandse
rechterlijke uitspraken;
overwegende dat er tijdens het bezoek van de Indiase Minister-President
Modi waarschijnlijk een nieuw strategisch partnerschap wordt
aangekondigd;
overwegende dat Staatssecretaris Van Bruggen op 16 april 2026 in een
commissiedebat heeft gezegd dat India nu eindelijk moet voelen dat het
genoeg is geweest;
verzoekt de regering de woorden «anders handelen» concreet te maken
en een eventueel nieuw strategisch partnerschap of andere nieuwe
bilaterale samenwerking met India in de ijskast te zetten totdat Insiya
daadwerkelijk is teruggekeerd naar Nederland.
Argumenten voor: De partij vindt dat kinderen zoveel mogelijk bij hun biologische ouders moeten opgroeien en dat de overheid dit uitgangspunt actief moet beschermen [2]. Daarnaast stelt de partij dat een krachtig buitenlandbeleid noodzakelijk is voor de handhaving van recht en vrede, en dat het behartigen van Nederlandse belangen wereldwijd essentieel is [3]. Bovendien laat de partij zien bereid te zijn een kritische houding aan te nemen tegenover landen die de internationale rechtsorde ondermijnen of fundamentele vrijheden inperken [1].
Argumenten tegen: De partij hecht waarde aan het onderhouden van diplomatieke verbindingen en samenwerking met bondgenoten, omdat dit bijdraagt aan een sterke economie, handelsrelaties en de bescherming van de vrijheid [3].
Bronnen:
"In China is sprake van toenemende repressie van minderheden zoals de Oeigoeren en christenen, steeds verdere inperking van fundamentele vrijheden en de excessieve sociale controle van de bevolking. Het land ondermijnt de internationale rechtsorde door cyberspionage en toenemende agressieve retoriek tegen Taiwan. Nederland neemt daarom, ook in EU-verband, een kritischer houding aan richting China. Nederland moet minder afhankelijk worden van China wat betreft grondstoffen, technologie en vitale infrastructuur. Chinese investeringen en deelname aan Europese aanbestedingen worden veel strenger getoetst en Chinese invloed via de academische wereld en sociale media wordt tegengegaan."
"Het krijgen van kinderen is geen recht, maar een geschenk van God. Ieder kind verdient zoveel als mogelijk een veilige plek in het gezin bij zijn of haar biologische vader en moeder. Draagmoederschap mag nooit het belang van het kind ondergeschikt maken aan wensen van volwassenen. Het krijgen van kinderen mag nooit een commercieel project zijn. Het uitgangspunt van de SGP blijft: we laten kinderen zoveel mogelijk opgroeien bij hun eigen biologische ouders. De overheid dient dit uitgangspunt actief te beschermen."
"Als klein land aan de zee is Nederland altijd sterk gericht geweest op de wereld om ons heen. We staan sterker als we samenwerken met buurlanden en bondgenoten. Dit draagt bij aan een sterke economie, bloeiende handelsrelaties en de bescherming van onze vrijheid. Een krachtig buitenlandbeleid is ook nodig voor handhaving van vrede en recht. De wereldorde van regels en soevereiniteit staat onder druk. De internationale rol van de Verenigde Staten verandert, terwijl autoritaire staten als China en Rusland aan invloed winnen. Dit vergt het onderhouden van diplomatieke verbindingen en het behartigen van onze Nederlandse belangen wereldwijd. Buitenlandse handel versterkt onze economie en welvaart, maar moet eerlijk en duurzaam zijn. Ontwikkelingssamenwerking ondersteunt onze verre naaste en bevordert stabiliteit, wat ook het belang van Nederland dient."