De regering moet inzetten op een sterke Europese defensie-unie en een gezamenlijke defensiemarkt. Nu wordt de samenwerking vertraagd door handelsbarrières en afhankelijkheid van leveranciers buiten Europa. Een eigen defensie-unie versterkt de NAVO en zorgt dat Europa indien nodig zelfstandig kan optreden.
Motie van de leden Dassen en Van der Werf over de Europese Defensieomnibus aannemen en een Europese defensie-unie verder opbouwen
De kamer,
constaterende dat Europese defensiesamenwerking wordt vertraagd door
nationale handelsbarrières, versnipperde inkoop en afhankelijkheid van
niet-Europese defensieleveranciers;
overwegende dat een sterke Europese defensie-unie de Europese pijler
binnen de NAVO versterkt en Europa beter in staat stelt zelfstandig op te
treden indien nodig;
verzoekt de regering zich in EU-verband actief in te zetten voor:
– spoedige aanneming van de Europese Defensieomnibus;
– de totstandkoming van een interne Europese defensiemarkt met
gezamenlijke inkoop en een Europees voorkeursbeleid;
– de verdere opbouw van een Europese defensie-unie die de NAVO
versterkt en indien nodig zelfstandig kan opereren.
Argumenten voor: De partij is voor de versterking van de Nederlandse defensie-industrie en strategische autonomie [1]. Zij zien voor de Europese Unie een belangrijke rol in de economische samenwerking, waaronder de interne markt en de (defensie)industrie [4][2]. Daarnaast steunt de partij het versterken van de NAVO [3][6][9], wat aansluit bij de motie die stelt dat een Europese defensie-unie de Europese pijler binnen de NAVO versterkt.
Argumenten tegen: De partij is expliciet tegen de totstandkoming van een Europees leger [7], wat botst met de wens in de motie voor een defensie-unie die zelfstandig kan opereren. Verder wil de partij geen verdere overdracht van nationale bevoegdheden en soevereiniteit aan Brussel [8] en is zij tegen politieke eenwording die de nationale soevereiniteit ondermijnt [4]. Daarnaast streeft de partij naar een Wet Strategische Defensieproductie waarbij minimaal 50 procent van de uitgaven in Nederland moet landen [5], wat in strijd kan zijn met gezamenlijke Europese inkoop en een Europees voorkeursbeleid.
Bronnen:
"Versterking van de Nederlandse defensie-industrie en strategische autonomie;"
"We maken deel uit van het Europese continent en werken samen met landen waarmee we ons verbonden voelen binnen de Europese Unie. Die samenwerking moet dienstbaar zijn aan burgers, boeren en bedrijven - niet andersom. De kernopgave van de Europese Unie ligt bij het versterken van de interne markt, het waarborgen van voedselzekerheid en het beschermen van de buitengrenzen. In de praktijk vormen Europese regels steeds vaker een belemmering: voor ondernemerschap, voor innovatie en voor een effectief asiel- en migratiebeleid. De BBB-delegatie in het Europees Parlement zet zich daarom in voor een koerswijziging die de Europese Unie weer dienstbaar maakt."
"Onze ambitie is duidelijk: Nederland wordt weer een serieuze en betrouwbare speler binnen de NAVO en wereldwijd. De NAVO blijft de hoeksteen van ons veiligheidsbeleid. We versterken onze Defensie, we vergroten onze veiligheid én we bouwen tegelijkertijd aan onze economie, concurrentiepositie, regio's en onderwijs."
"De belangrijkste rol voor de Europese Unie ligt voor BBB op het vlak van economische samenwerking en regionale ontwikkeling. Dit biedt voor Nederland als handelsland veel voordelen. Denk aan samenwerking op het gebied van voedselzekerheid, handel en (defensie)industrie, interne markt, regionale ontwikkeling, infrastructuur, beheersing van migratie en grensbewaking. Overigens mag Brussel wat BBB betreft een pas op de plaats maken. In plaats van steeds verdergaande politieke eenwording die de nationale soevereiniteit ondermijnt, dient de EU zich te richten op praktische samenwerking zonder bureaucratie op terreinen waarop de lidstaten elkaar kunnen vinden en nodig hebben. In de EU hebben lidstaten ruimte om onderling te verschillen. Tegelijk houdt samenwerking respect in voor waarden en mensenrechten die breed zijn aanvaard in de gehele EU. Lidstaten die deze rechten met voeten treden, worden hierop aangesproken."
"Investeren in eigen industrie. Een Wet Strategische Defensieproductie (WSDP), waarin we vastleggen dat minimaal 50 procent van de Defensiematerieel-uitgaven uiteindelijk in Nederland moet landen. Die bestedingen worden niet willekeurig verdeeld, maar doelgericht: opdrachten worden expliciet ook gegund aan bedrijven in regio's buiten de Randstad. Als we buitenlands aanbesteden, onderhandelen we maximale participatie voor Nederlandse bedrijven in de productie en het onderhoud van materieel."
"De krijgsmacht vormt een onmisbare pijler van onze nationale veiligheid. Daarom moet Nederland stevig investeren in Defensie, maar wel gericht, verstandig en met oog voor de samenhang met andere domeinen. BBB steunt het versterken van de NAVO en het verhogen van de Nederlandse defensieuitgaven. We nemen het groeipad naar 3,5% van het Bruto Binnenlands Product (BBP) in 2035 als uitgangspunt. Tegelijk willen we dat dit niet ten koste gaat van belangrijke zaken zoals de AOW, betaalbare zorg, het mkb en een leefbaar platteland. Na 2030 gelden voor ons duidelijke voorwaarden voor verdere verhoging van onze defensie-uitgaven, zoals een eerlijke verdeling van kosten binnen de NAVO en geen financiering via Europese schulden of giften."
"Vetorecht behouden. BBB wil het vetorecht niet afschaffen inzake buitenlands beleid en er komt geen Europees leger."
"Geen federaal Europa. Geen verdere overdracht van Nederlandse bevoegdheden en soevereiniteit aan Brussel. BBB staat voor eenheid in verscheidenheid en voor een strenge subsidiariteitstoets. Dit betekent dat Europa alleen die zaken regelt die strikt noodzakelijk zijn en aantoonbaar beter op Europees niveau werken dan wanneer lidstaten dat zelf doen. Europa beperkt zich tot economie, interne markt, defensie, buitenlandbeleid en migratie."
"Realistische plannen en doelen onder NAVO-norm. Investeren in veiligheid én Nederland. BBB onderschrijft het belang van een sterke en geloofwaardige krijgsmacht die beschermt wat ons Nederland dierbaar is. We steunen daarom het streven naar een versterking van de NAVO en het verhogen van de Nederlandse defensie-uitgaven. In dat kader is BBB bereid om het door het CPB geschetste ingroeipad naar 3,5% BBP in 2035 als uitgangspunt te nemen, waarbij we ons in de komende kabinetsperiode conformeren aan een structurele intensivering van ruim zes miljard euro in 2030. Deze stap maakt de noodzakelijke versterking van de Nederlandse krijgsmacht via een realistisch, planmatig en stapsgewijs proces mogelijk. Voorop staat dat Nederland een krijgsmacht nodig heeft in volume en vorm die de veiligheid en vrijheid, die ons zo dierbaar is in Nederland, beschermt."