Sterkere Europese defensiesamenwerking

De regering moet inzetten op een sterke Europese defensie-unie en een gezamenlijke defensiemarkt. Nu wordt de samenwerking vertraagd door handelsbarrières en afhankelijkheid van leveranciers buiten Europa. Een eigen defensie-unie versterkt de NAVO en zorgt dat Europa indien nodig zelfstandig kan optreden.

Motie van de leden Dassen en Van der Werf over de Europese Defensieomnibus aannemen en een Europese defensie-unie verder opbouwen

De kamer, constaterende dat Europese defensiesamenwerking wordt vertraagd door nationale handelsbarrières, versnipperde inkoop en afhankelijkheid van niet-Europese defensieleveranciers; overwegende dat een sterke Europese defensie-unie de Europese pijler binnen de NAVO versterkt en Europa beter in staat stelt zelfstandig op te treden indien nodig; verzoekt de regering zich in EU-verband actief in te zetten voor: – spoedige aanneming van de Europese Defensieomnibus; – de totstandkoming van een interne Europese defensiemarkt met gezamenlijke inkoop en een Europees voorkeursbeleid; – de verdere opbouw van een Europese defensie-unie die de NAVO versterkt en indien nodig zelfstandig kan opereren.
20 mei | Volt, D66 |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma VVD

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil dat de EU onafhankelijker wordt van autocratische grootmachten [1] en streeft naar strategische autonomie [6]. Er is steun voor het openbreken van gesloten nationale defensiemarkten in Europa [2] en het harmoniseren van regels voor ondernemers om de interne markt te verstevigen [4]. Daarnaast pleit de partij voor gezamenlijke orders voor materieel om de industrie te laten opschalen [2] en het aanschaffen van dure systemen met gelijkgezinde landen om de afhankelijkheid van de VS te verminderen [3]. De partij wil specifiek een sterke Europese pijler binnen de NAVO die zelfstandiger kan opereren [3].

Argumenten tegen: De partij wil bij militaire aankopen waar mogelijk voorkeur geven aan Nederlandse ondernemers op terreinen waar de eigen industrie sterk in is [5], wat kan botsen met een algemeen Europees voorkeursbeleid. Daarnaast is de partij expliciet tegen een Europees leger, omdat de Tweede Kamer altijd moet beslissen over de inzet van eigen troepen [3].

Bronnen:

  1. "Een EU die onze veiligheid versterkt: Europese samenwerking moet onze veiligheid, vrijheid en welvaart versterken. Dit vraagt om meer focus op gezamenlijke defensie, technologische kracht en economische weerbaarheid. De EU moet onafhankelijker worden van onbetrouwbare autocratische grootmachten en sancties sneller en effectiever kunnen handhaven. We kiezen voor slimme investeringen in innovatie en veiligheid, minder bureaucratie en een Europa dat zijn strategische belangen kan beschermen."
  2. "Koesteren Nederlandse defensie-industrie: Voor onze defensie-industrie zetten we in op behoud van zelfstandigheid in zaken waar we traditioneel sterk in zijn, zoals het marinebouwcluster en radars. Daarnaast versterken we gericht een aantal innovatieve niches, zoals quantumtechnologie en drones. Hierin proberen we ook de gesloten nationale defensiemarkten in Europa open te breken zodat ondernemers over de grens kansen krijgen de beste producten aan te bieden. Om de industrie via grotere orders te kunnen laten opschalen en interoperabiliteit te vergroten willen we inzetten op gezamenlijke orders voor materieel. Daarnaast zetten we in op licentieproductie van hightech Amerikaanse wapens waar we niet zonder kunnen, maar waarbij we nu te afhankelijk zijn van een enkele productielocatie in de VS."
  3. "Geen Europees leger, maar een sterke Europese pijler binnen de NAVO: De VVD kiest voor een militair zelfstandiger Europa. De VS blijft een onmisbare bondgenoot, maar Europese landen moeten meer verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen veiligheid. Dit doen we door pragmatisch met gelijkgezinden landen de dure systemen aan te schaffen die nodig zijn voor commandovoering over grootschalige militaire operaties waarvoor we nu te afhankelijk zijn van de VS. Wat de VVD betreft vindt deze samenwerking nadrukkelijk binnen de NAVO plaats, zodat ook belangrijke partners als het VK en Noorwegen kunnen aansluiten. Zo bouwen we aan een sterke Europese pijler binnen de NAVO, die zelfstandiger kan opereren als dat nodig is. We willen geen Europees Leger: de Tweede Kamer besluit altijd of onze krijgsmacht ergens wordt ingezet. Het gaat hier immers over onze eigen mensen."
  4. "Een EU die onze economie versterkt: De EU moet zelf sterk zijn om opgewassen te zijn tegen handelstarieven en schommelingen op het wereldtoneel. Dat doen we door: de interne markt te verstevigen, de kapitaalmarktunie te verdiepen, nieuwe handelsrelaties aan te gaan en technologisch leiderschap te bevorderen. Momenteel zijn er te veel verschillende regels tussen Europese landen. Dit verstoort de groei van onze bedrijven over de grens. We zullen dus streven naar harmonisatie van regels voor ondernemers. Dit betekent ook geen strengere nationale koppen bovenop EU-beleid."
  5. "Nederland als aanjager van defensie-innovatie: Nederland heeft alles in huis om een technologische koploper te zijn. Veel technologieën die we dagelijks gebruiken, zoals het internet (ARPANET) en GPS, vinden hun oorsprong in militair onderzoek. De VVD wil dat grote investeringen in onze veiligheid ook onze eigen innovatiekracht en economie versterken. Daarom geven we bij militaire aankopen waar mogelijk voorkeur aan Nederlandse ondernemers op de terreinen waar onze industrie goed in is. Hier speelt het mkb een belangrijke rol. We werken op andere terreinen nauw samen met onze bondgenoten in de NAVO en de EU. Op Europees niveau pleiten we voor een Defensie-Innovatieautoriteit (EDIA) naar het model van het Amerikaanse DARPA. Deze organisatie moet toptalent uit de wetenschap en industrie aantrekken en hen de vrijheid en middelen geven om autonoom te investeren in potentieel baanbrekende projecten."
  6. "Hervorming van de Europese begroting: De VVD is voor een hervorming van het Meerjarig Financieel Kader. Slimmere besteding in plaats van méér geld is het uitgangspunt. De focus moet verschuiven van ineffectieve cohesiegelden naar investeringen in innovatie, defensie en veiligheid, en strategische autonomie. EU-middelen moeten bijdragen aan een sterk, weerbaar Europa dat zijn eigen belangen verdedigt."