De regering moet samen met netbeheerders en bedrijven onderzoeken hoeveel flexibiliteit er is in het energieverbruik van de industrie. Deze flexibiliteit moet worden vastgelegd in contracten om zo meer ruimte op het elektriciteitsnet te maken.
Motie van het lid Müller c.s. over de beschikbare flexibiliteitspotentie en de mogelijkheden voor contractering bij industriële bedrijvigheid in kaart brengen
De kamer,
constaterende dat door beter gebruik te maken van flexibiliteit bij
industriële bedrijvigheid extra ruimte op het elektriciteitsnet kan worden
gecreëerd;
overwegende dat in de FGU-regio decentrale overheden een belangrijke
rol hebben gespeeld bij het identificeren en benaderen van geschikte
partijen om flexibiliteit beschikbaar te stellen;
overwegende dat de decentrale overheden hierbij onvoldoende concreet
inzicht hebben in de kansen en daadwerkelijke contracteringsmogelijkheden bij bedrijven;
verzoekt de regering met de netbeheerders de beschikbare flexibiliteitspotentie en de mogelijkheden voor contractering in kaart te brengen;
verzoekt de regering om vervolgens met netbeheerders, decentrale
overheden en ondernemers samen te werken om zo veel mogelijk van de
beschikbare flexibiliteitspotentie daadwerkelijk te contracteren, de
(juridische) belemmeringen daarvoor weg te nemen, en de Kamer hier
voor het einde van het jaar over te informeren.
Argumenten voor: De partij wil meer ruimte op het energienet creëren [2] en wil het net "slimmer gebruiken", bijvoorbeeld door bedrijven te stimuleren om buiten de spits stroom te gebruiken [1]. Daarnaast legt de partij de nadruk op samenwerking tussen de overheid, de industrie en netbeheerders, zoals via een Noordzeepact [3][4].
Argumenten tegen: Er is geen informatie beschikbaar in de tekst om een argument tegen de motie te formuleren.
Bronnen:
"Ruimte op het energienet. Met snellere uitbreiding van het elektriciteitsnet zijn we eerder onafhankelijk van fossiele subsidies. We komen met een Energieversnellingswet, die regelt dat vergunningen voor kritieke energieinfrastructuur, zoals voor verdeelstations en extra stroomkabels, eerder kunnen worden afgegeven. Ook krijgt de aanleg van deze infrastructuur voorrang als er door de beperkte stikstofruimte keuzes gemaakt moeten worden welke activiteiten mogelijk zijn. Daarnaast gaan we slimmer gebruik maken van het elektriciteitsnet. Bijvoorbeeld door bedrijven en huishoudens te stimuleren om buiten de spits stroom te gebruiken, oplossingen als batterijen en elektrolyse te ondersteunen, en de lokale energievraag beter af te stemmen met het lokale aanbod uit zon en wind. Partijen met een maatschappelijk belang krijgen voorrang op het net. We stimuleren coöperatief eigendom en beheer van nieuwe duurzame energiebronnen. De overheid stuurt actief op een eerlijk en duurzaam energiesysteem en onderzoekt waar energie in publieke handen moet komen. Kosten voor huishoudens en bedrijven houden we laag door energienetten langer te gebruiken, de kosten van investeringen in het net niet meteen in rekening te brengen bij afnemers, maar uit te smeren over de tijd, en door nettarieven te differentiëren. Nieuwe woonwijken krijgen een eigen wijk- of buurtbatterij. Die slaat stroom op als de wijk stroom over heeft en levert het terug als zon en wind het laten afweten. Dat is voordeliger en solidairder dan een batterij in elke woning. Het ontlast bovendien het elektriciteitsnet."
"Ruimte op het energienet. Er komt meer ruimte op het energienet, zodat bedrijven wel uit kunnen breiden of verduurzamen, zie hoofdstuk 'Klimaat en Energie'."
"Tempo maken. We zetten alles op alles om de klimaatcrisis aan te pakken. Dat kan je niet alleen aan de markt overlaten. Zonneparken kunnen niet aangesloten worden op het energienet, nieuwe woningen en verduurzaming lopen vertraging op; de stilstand is compleet. Meer ruimte op het energienet kan niet wachten. Daarom investeren we fors in het uitbreiden van het elektriciteitsnet. We investeren in schone en betaalbare energie uit wind-op-zee. Om dat te bereiken sluiten we een Noordzeepact tussen overheid, energiebedrijven, industrie en netbeheerders. Met goedkope energie houden we de energierekening betaalbaar en maken we onze industrie competitiever en duurzamer."
"Daarom versnellen we de aanleg van windmolenparken op zee om de industrie te laten elektrificeren. Ook sluit de overheid een Noordzeepact met wind- en waterstofproducenten, industriële afnemers en netbeheerders, met langjarige verbintenissen die zekerheid bieden. De overheid neemt een deel van de financiële risico's op zich maar deelt ook mee in de winst."