Impact van Europese industrie- en klimaatregels

De regering moet een nationale industrie-effectrapportage opstellen voordat Nederland nieuwe Europese regels voor industrie en klimaat steunt. Beleid dat de kosten verhoogt, bedreigt de productie, de werkgelegenheid en de onafhankelijkheid van de Nederlandse industrie.

Motie van het lid Schenk over voorafgaand aan mogelijke Nederlandse steun voor nieuwe Europese industrie- en klimaatmaatregelen telkens een nationale industrie-effectrapportage aan de Kamer sturen

De kamer, constaterende dat het kabinet inzet op Europese vraagcreatie, productnormen, mandaten en labels voor «schone» industrie; overwegende dat industriebeleid dat de kosten verhoogt contraproductief kan zijn voor behoud van productie, banen en strategische autonomie; verzoekt de regering voorafgaand aan mogelijke Nederlandse steun voor nieuwe Europese industrie- en klimaatmaatregelen telkens een nationale industrie-effectrapportage aan de Kamer te sturen, waarin ten minste de gevolgen voor energieprijzen, regeldruk, productiekosten, investeringsbereidheid, werkgelegenheid en risico op de-industrialisatie worden beoordeeld.
27 mei | FVD |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma PvdD

Stemverwachting: tegen (vrij zeker, 85%)

Argumenten voor: Er is in de tekst weinig te vinden dat direct ondersteunt dat de partij voor een rapportage zou stemmen die de nadruk legt op het voorkomen van kostenverhogingen. Een zeer zijdelingse aanwijzing zou het streven naar 'onderbouwde en toetsbare' klimaatplannen [4] kunnen zijn, maar dit heeft betrekking op subsidies en niet op de brede economische effecten van EU-maatregelen.

Argumenten tegen: De partij wil juist strikte regels en EU-instrumenten, zoals strengere eisen voor industriële emissies [1], uitgebreide etikettering [5] en bindende IMVO-wetgeving [9367, 9368]. Ook wil de partij EU-instrumenten inzetten om de import van goedkope producten te beperken [3]. Daarnaast is de partij bereid om vervuilende sectoren af te bouwen [6] en stelt zij dat bepaalde energie-intensieve industrieën beter in andere landen kunnen plaatsvinden om zo de focus op hoogwaardige maakindustrie in Nederland te houden [2].

Bronnen:

  1. "Nederland pleit er in de EU voor dat de Richtlijn industriële emissies de strengst mogelijke eisen stelt aan industriële installaties en intensieve veehouderijen, om dierenwelzijn, de gezondheid van mens en dier en de leefomgeving te beschermen."
  2. "We kiezen voor een economie die werkt vóór dier, mens en planeet, in plaats van ten koste van hen. Dat betekent: het maken en gebruiken van spullen binnen de draagkracht van de Aarde, met respect voor leven en toekomst. Het betekent ook dat we de economie democratiseren, en publieke voorzieningen niet langer overlaten aan de markt maar in handen van de samenleving brengen. Hiervoor zullen we ook heel duidelijke keuzes moeten maken over welke industrie wél een toekomst heeft in Nederland en welke industrie niet. Strategische autonomie is van belang op Europees niveau, maar niet haalbaar voor Nederland alleen. Er zijn sectoren, zoals staalproductie en andere energie-intensieve basisindustrie, die beter passen in landen waar meer ruimte is en goedkope groene energie. Nederland kan zich richten op hoogwaardige maakindustrie, waarvoor hier de juiste kennis, kunde en ruimte is. Een visie vanuit de overheid op hoe Nederland er in de toekomst uit zal zien is hiervoor onmisbaar."
  3. "Er wordt paal en perk gesteld aan de import van goedkope producten uit China. Hiervoor worden de EU-instrumenten zoals CBAM en ESPR gebruikt, aangevuld met nationaal beleid."
  4. "We zetten in op klimaatsubsidies. Bedrijven ontwikkelen een onderbouwd en toetsbaar klimaatplan om hiervoor in aanmerking te komen. Bedrijven krijgen geen subsidies als zij met hun productie de natuur of de gezondheid van burgers aantasten."
  5. "Zuivere grondstofstromen zijn essentieel in het streven naar een circulaire economie. Nederland pleit daarom in Europa voor een uitbreiding van de regelgeving voor etikettering van consumentengoederen en voedsel. Naast de al geldende eisen dienen ook de gebruikte grondstoffen van de verpakking te worden vermeld. Zo worden onzichtbare materialen zoals plastic coatings op papieren wikkels zichtbaar en wordt het makkelijker de verpakking op de juiste manier bij het afval te scheiden. Producenten worden verplicht verpakkingen bestaande uit gemixte materialen terug te dringen."
  6. "Nederland ontwikkelt op korte termijn een visie voor een economie die past binnen de grenzen van de planeet. Welzijn van mens en dier staat hierbij centraal. Niet de burger, maar de vervuiler betaalt. Vervuilende sectoren als petrochemie, olieraffinage, luchtvaart, de vee-industrie worden afgebouwd. Sociale en circulaire sectoren worden gestimuleerd."