Meer groen bij de woningbouw

De regering moet onderzoeken hoe het Ministerie van VRO (Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening) meer groen kan combineren met de bouw van woningen. Gemeenten, de bouwsector en organisaties willen namelijk meer groen in de wijk voor de inwoners.

Motie van het lid Kostić over een bijdrage van het ministerie van VRO aan meer groen voor burgers in combinatie met de woningbouwopgave

De kamer, constaterende dat er eerder aan de Minister van VRO een brede oproep is gedaan vanuit onder andere gemeenten, maatschappelijke organisaties en de bouwsector om actief in te zetten op het borgen van meer groen in combinatie met de woningbouwopgave; verzoekt de regering om in overleg met verschillende partners te verkennen op welke manier het Ministerie van VRO kan bijdragen aan meer groen voor burgers in combinatie met de woningbouwopgave, en daarover dit jaar aan de Kamer te rapporteren.
28 mei | PvdD | Aangenomen |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma 50plus

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil bij de nieuwbouw van woningen specifiek inzetten op groene elementen, zoals groene daken en gevels, om voor natuurlijke verkoeling te zorgen [2]. Daarnaast beschouwt de partij de bescherming van het milieu als een project voor de lange termijn waarbij betrokkenheid op zowel landelijk als gemeentelijk niveau essentieel is [3]. Ook sluit de motie aan bij de ambitie van de partij om het Ministerie voor Volkshuisvesting weer in het leven te roepen [1].

Argumenten tegen: Er is in het verkiezingsprogramma geen informatie te vinden die wijst op weerstand tegen het combineren van groen met woningbouw of tegen de rol van het ministerie in dit proces.

Bronnen:

  1. "Het Ministerie voor Volkshuisvesting wordt weer in het leven geroepen."
  2. "Groene daken en gevels bij nieuwbouw van levensloopbestendige woningen voor natuurlijke verkoeling."
  3. "Bescherming van het milieu als generatieproject: rentmeesterschap voor degenen die na ons komen, met inzet van ervaring en betrokkenheid op landelijk én op gemeentelijk niveau."