Ingrijpen in woningbouw Zuid-Holland

De regering moet ingrijpen in Zuid-Holland om extra beperkingen voor woningbouw in de buitenwijken te voorkomen. Ook moet de regering strenger toezien op de uitvoering van het nationale woningbouwbeleid. Zuid-Holland moet tot 2030 namelijk 248.000 woningen bouwen, maar tot nu toe zijn er slechts 68.000 gebouwd.

Motie van het lid Mooiman c.s. over voorkomen dat Zuid-Holland extra generieke beperkingen op buitenstedelijke woningbouw invoert (herdruk)

De kamer, constaterende dat de Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland een nieuwe beschermingscategorie voor onbebouwde ruimte willen invoeren, waardoor buitenstedelijke woningbouw verder wordt beperkt; constaterende dat Zuid-Holland tot en met 2030 een aantal van 248.000 woningen moet realiseren, terwijl tot nu toe slechts circa 68.000 woningen zijn gebouwd; overwegende dat de provincie ondanks herhaalde kritiek onvoldoende bijstuurt op haar woningbouwbeleid; overwegende dat nationaal woningbouwbeleid door decentrale overheden moet worden uitgevoerd; verzoekt de regering in te grijpen om te voorkomen dat Zuid-Holland extra generieke beperkingen op buitenstedelijke woningbouw invoert; verzoekt de regering ook steviger regie te voeren op de uitvoering van nationaal woningbouwbeleid door provincies en gemeenten.
28 mei | PVV, CU, Markusz, SGP | Verworpen |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma CDA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 95%)

Argumenten voor: De partij wil dat de overheid de regie over de volkshuisvesting terugpakt [2] en stelt dat doorzettingsmacht van het Rijk een harde voorwaarde is om het woningtekort te bestrijden [4]. Daarnaast wil de partij dat het Rijk optreedt wanneer er tegenstrijdige belangen zijn tussen provincies en gemeenten [1]. Om wonen in dorpen mogelijk te maken, wil de partij het principe van 'een wijkje erbij' hanteren [3], wat de wens ondersteunt om de mogelijkheden voor buitenstedelijke woningbouw niet te beperken.

Argumenten tegen: De partij wil bij de bouw ook oog houden voor de leefbaarheid van steden en het borgen van voldoende ruimte voor groen in omgevingsvisies [5].

Bronnen:

  1. "Het Rijk monitort de afgesproken eisen uit de Wet regie volkshuisvesting en treedt op wanneer bouwprojecten vastlopen, bijvoorbeeld bij tegenstrijdige belangen tussen provincie en gemeenten."
  2. "Dat vraagt om goede ruimtelijke ordening. De overheid moet de regie terugpakken om keuzes te maken in schaarste. Door een visie te ontwikkelen, samen met provincies, regio's en gemeenten, met bedrijven en maatschappelijk middenveld. Waar pijnlijke keuzes samengaan met perspectief. Grootschalige woningbouw, samenhang tussen wijken en wonen in het dorp waar je bent geworteld, gaan hand in hand met goede bereikbaarheid. Een visie die sociaal rechtvaardig, haalbaar en toekomstgericht is. Met eenvoudiger regelgeving en snellere procedures en een betere balans tussen verschillende belangen. Alleen zo kunnen we ons land op een passende manier vormgeven zodat we er prettig kunnen leven."
  3. "Woningzoekende op 1 - Wij kiezen voor de woningzoekende in onze voorstellen om jaarlijks 100.000 woningen te bouwen. Het principe van 'straatje erbij' breiden we uit tot een 'wijkje erbij' zodat jongeren in hun dorp of stad kunnen blijven wonen. We maken het moeilijker om woningbouw met juridische procedures te vertragen. De gang naar de Raad van State beperken we. De hypotheekrenteaftrek bouwen we stap voor stap af, terwijl we tegelijk de inkomstenbelasting evenveel verlagen. Zo maken we woningen meer betaalbaar op de langere termijn."
  4. "Het bestrijden van het woningtekort is een gezamenlijke opgave van het Rijk, gemeenten, provincies, corporaties, investeerders, ontwikkelaars en bouwers. Regie van het Rijk, doorzettingsmacht, ruimtelijk beleid en adequate financiering zijn harde voorwaarden. We vragen pensioenfondsen een belangrijke rol te spelen in investeringen. De Nationale Prestatieafspraken zijn de basis voor investeringen van woningcorporaties. We zorgen ervoor dat corporaties voldoende financiƫle armslag hebben om de afspraken die ze ook zelf gemaakt hebben waar te maken."
  5. "We bouwen met oog voor de leefbaarheid van groeiende steden: voldoende ruimte voor groen, klimaat-adaptief bouwen, ontmoeting en nabijheid van voorzieningen borgen in de omgevingsvisies. Dit wordt een kader binnen het verstrekken van de Woningbouwimpuls."