Minder externe consultants bij VWS

De regering moet een plan sturen om de inhuur van externe consultants bij VWS (het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport) af te bouwen. Te veel externe inhuur zorgt namelijk voor hogere kosten en verlies van kennis binnen het ministerie zelf.

Motie van het lid Coenradie over een afbouwpad voor externe inhuur binnen VWS

De kamer, constaterende dat VWS structureel 143,8 miljoen euro wil besparen door efficiënter te werken, terwijl nog onduidelijk is hoe deze besparing concreet wordt ingevuld; constaterende dat de apparaatskosten van VWS in 2026 stijgen en met name de externe inhuur fors toeneemt; overwegende dat structurele afhankelijkheid van externe consultants kan leiden tot hogere kosten en verlies van kennis binnen het ministerie; verzoekt de regering vóór het herfstreces een concreet afbouwpad voor externe inhuur binnen VWS aan de Kamer te sturen, inclusief een plan om structurele kennis binnen de eigen organisatie op te bouwen.
1 juni | JA21 |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma SP

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij streeft naar ambtenaren die echte vakmensen zijn, die hun vakmanschap opbouwen door middel van training en praktijkervaring [1]. Daarnaast wil de partij af van een overheid die door neoliberaal beleid inefficiënt, duur en een 'papieren werkelijkheid' is geworden [2]. De partij zet bovendien in op het principe van een leven lang leren en bijscholen [4]. In de zorgsector wil de partij de macht van commerciële partijen breken om de menselijke behoeften weer centraal te stellen [3].

Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten gevonden die een argument vormen om tegen de motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Een ervaren overheid. Ambtenaren moeten vakmensen zijn die tussen de mensen staan. Door meer training, contact met mensen en praktijkervaring bouwen ambtenaren die nieuw zijn in het vak dit vakmanschap op. We vertrouwen daarna op hun kennis en kunde, daarom geven we ze het vertrouwen om het goede te doen."
  2. "De overheid is geen bedrijf, maar is er voor de bevolking. Zo voelt het voor mensen vaak niet. Decennia aan neoliberaal beleid heeft de overheid groter, inefficiënter en duurder gemaakt. We zetten in op een overheid die werkelijk successen boekt voor mensen, en minder in de papieren werkelijkheid leeft. Regels zijn een middel, geen doel. De uitwerking van beleid moet altijd worden getoetst op het effect voor de burger, met ruimte voor redelijkheid, maatwerk en rechtvaardigheid. Wij willen een overheid die je kunt spreken, met een menselijk gezicht. Zo herstellen we het vertrouwen in onze overheid."
  3. "De zorg is geen markt. Dat wat van ons allemaal is, horen we niet over te laten aan commerciële cowboys. Door de markt uit de zorg te halen kunnen we de behoeften van mensen weer centraal zetten. In plaats van te bezuinigen gaan we weer investeren in een zorgstelsel dwat van ons allemaal is en waar we samen zeggenschap over hebben. We breken de macht van bedrijven en leggen de zeggenschap weer waar hij hoort: bij de zorgverleners en de mensen die zorg nodig hebben. Niet winstcijfers en bureaucratie, maar kwaliteit en toegankelijkheid komen centraal te staan. We verhogen de lonen en verlagen de werkdruk. Zo geven we zorgverleners het respect dat zij verdienen, een passende beloning en maken we dit onmisbare vak weer aantrekkelijk. Door te investeren maken we zorg beschikbaar in elke regio, zonder wachtlijsten, dichtgetimmerde loketten of verdwenen voorzieningen. Door collectief te organiseren en bekostigen, zorgen we dat zieke mensen zich kunnen richten op beter worden in plaats van rekeningen betalen. Zorg is van ons allemaal en moet weer dichtbij, betaalbaar en publiek worden."
  4. "Leren stopt niet na je diploma. We maken het makkelijker om je bij te scholen of om te scholen. Voor iedereen en op elke leeftijd. Een leven lang leren wordt de norm, met publieke instellingen als basis."