Kinderen niet naar terugkeerhubs sturen

De regering moet geen gezinnen met kinderen naar terugkeerhubs sturen. Dit is mogelijk onder de nieuwe Terugkeerverordening (Europese regels over terugkeer). Het sturen van kinderen naar deze locaties is echter in strijd met het Kinderrechtenverdrag. Dit kan namelijk grote schade aanrichten aan het welzijn en de ontwikkeling van kinderen.

Motie van het lid Westerveld

De kamer, constaterende dat er een akkoord is bereikt tussen het Europees Parlement, de Commissie en de Raad over de Terugkeerverordening waarin is opgenomen dat gezinnen kinderen naar terugkeerhubs kunnen worden gestuurd; met overwegende dat dit in strijd is met het Kinderrechtenverdrag, en grote schade als gevolg kan hebben op het welzijn en de ontwikkeling van kinderen; van mening dat kinderen niet thuishoren in terugkeerhubs; verzoekt de regering niet van deze mogelijkheid gebruikt te maken en vanuit Nederland geen gezinnen met kinderen naar terugkeerhubs te sturen.
2 juni | GL-PvdA |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma D66

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 85%)

Argumenten voor: De partij benadrukt dat het continu verplaatsen van mensen vreselijk is, zeker voor kinderen [2]. Daarnaast wil de partij een wettelijk kinderpardon voor gewortelde kinderen die langer dan vijf jaar in Nederland verblijven, om te voorkomen dat zij de dupe worden van falend overheidsbeleid [1]. Er is aandacht voor het bieden van structuur aan jonge kinderen [7] en de partij wil beleid voeren dat gericht is op de belangen van gezinnen [3][6]. Ook houdt de partij vast aan menselijkheid en het principe dat mensen niet naar onveilige gebieden mogen terugkeren [5].

Argumenten tegen: De partij wil voor mensen zonder verblijfsstatus juist inzetten op een snellere terugkeer naar het land van herkomst, bij voorkeur op Europees niveau [4].

Bronnen:

  1. "We stellen een wettelijk kinderpardon in: gewortelde kinderen die langer dan vijf jaar in Nederland verblijven, zijn thuis in Nederland. Zij mogen niet de dupe worden van falend overheidsbeleid."
  2. "We maken een einde aan de opvangcrisis en het continue verplaatsen van mensen. Zeker voor kinderen is dat vreselijk. We kiezen voor opvang die past bij de wijk of de buurt, met open deuren en voorzieningen waarvan ook de buurt profiteert."
  3. "We werken aan beleid voor jeugd en gezinnen dat domeinen overstijgt, bij alle ministeries en bestuurslagen: van wonen tot onderwijs, van sociale zekerheid tot jeugdcriminaliteit."
  4. "D66 wil voor mensen zonder verblijfsstatus snellere terugkeer naar land van herkomst. Hierover maken we afspraken met herkomstlanden, bij voorkeur doen we dat op Europees niveau."
  5. "We houden vast aan de waarden die onder de huidige verdragen liggen: solidariteit, eerlijkheid en menselijkheid. Mensen die vluchten voor oorlog en geweld, vangen we op. Mensen gaan nooit terug naar onveilige gebieden."
  6. "We organiseren zorg en financiering rondom het gezin, in plaats van uit te gaan van het aanbod. Professionals krijgen meer ruimte voor hun werk en minder registratiedruk. We gaan uit van vertrouwen."
  7. "Te veel kinderen beginnen met een achterstand op de basisschool. Daarom investeren we vanaf het allereerste begin in een stevige basis en in sociale ontwikkeling. Want juist jonge kinderen hebben structuur nodig, een rijke plek om te leren en contact met leeftijdsgenoten. We bouwen aan één publieke voorziening voor alle kinderen van 1 tot 15 jaar. Daarin kan ieder kind, in eigen tempo en vanuit de eigen achtergrond, groeien. Zo verdwijnt ook het verschil tussen kinderopvang en peuteropvang of voor- en vroegschoolse educatie."