De regering moet geen gezinnen met kinderen naar terugkeerhubs sturen. Dit is mogelijk onder de nieuwe Terugkeerverordening (Europese regels over terugkeer). Het sturen van kinderen naar deze locaties is echter in strijd met het Kinderrechtenverdrag. Dit kan namelijk grote schade aanrichten aan het welzijn en de ontwikkeling van kinderen.
Motie van het lid Westerveld
De kamer,
constaterende dat er een akkoord is bereikt tussen het
Europees Parlement, de Commissie en de Raad over de
Terugkeerverordening waarin is opgenomen dat gezinnen
kinderen naar terugkeerhubs kunnen worden gestuurd;
met
overwegende dat dit in strijd is met het Kinderrechtenverdrag,
en grote schade als gevolg kan hebben op het welzijn en de
ontwikkeling van kinderen;
van mening
dat kinderen
niet thuishoren
in terugkeerhubs;
verzoekt de regering niet van deze mogelijkheid gebruikt te
maken en vanuit Nederland geen gezinnen met kinderen naar
terugkeerhubs te sturen.
Argumenten voor: De partij is zeer kritisch over 'terugkeerhubs' vanwege het grote risico op mensenrechtenschendingen en detentie [1]. Daarnaast stelt de partij expliciet dat gezinnen en kinderen nooit in detentie mogen komen en dat hiervoor open, gezinsvriendelijke locaties moeten worden gebruikt [4]. Ook legt de partij de nadruk op het naleven van het Internationale Kinderrechtenverdrag om de kinderbescherming in de asielketen te verbeteren [2] en wil de partij dat elk kind zich veilig kan ontwikkelen [5].
Argumenten tegen: De partij streeft naar een effectief terugkeerbeleid [1] en wil het Europese Migratie- en Asielpact uitvoeren [3].
Bronnen:
"Effectief terugkeerbeleid. Mensen die geen recht hebben op asiel, moeten terug naar hun land van herkomst. Asielprocedures moeten kort en zorgvuldig zijn en mensenrechten van migranten moeten te allen tijde zijn gewaarborgd. Met landen van herkomst gaan we, op basis van gelijkwaardigheid, brede partnerschappen aan waar terugkeer van uitgeprocedeerde asielzoekers onderdeel van is. Investering in het herkomstland is de meest duurzame, humane en effectieve manier van het bevorderen van terugkeer. We zijn zeer kritisch op de 'terugkeerhubs', vanwege het grote risico aan mensenrechtenschendingen, detentie of jarenlange in limbo zijn van de mensen die hiernaartoe gestuurd zouden worden."
"Kinderrechten. We zorgen dat Nederland zich houdt aan het Internationale Kinderrechtenverdrag, zodat we toegaan naar betere kinderbescherming ook voor kinderen in de asielketen en jeugdzorg en minder kinderarmoede en discriminatie. Ook zorgen we dat de stem van kinderen voldoende gehoord wordt bij beslissingen over kinderen. We letten extra goed op de zorg voor kinderen met een handicap of beperking."
"Europees vluchtelingenbeleid. We voeren het Migratie- en Asielpact van de EU uit en stellen onze wetgeving daarop in. Een zorgvuldige, snelle en eerlijke procedure aan de buitengrens moet vluchtelingen duidelijkheid geven over de kans op asiel. We staan zeer kritisch tegenover de verruiming van de 'Veiligederdelandenregeling', en de lijst met veilige herkomstlanden. Deze wetsvoorstellen maken het makkelijker om asielzoekers naar landen te sturen waar zij niet vandaan komen en nooit geweest zijn en leggen een zwaardere bewijslast op aan asielzoekers afkomstig uit 'veilige' landen. In de procedures en bij de opvang aan de buitengrens zien we er daarom streng op toe dat de mensenrechten van vluchtelingen gewaarborgd zijn. Wanneer hiervan niet volledig sprake blijkt te zijn, verbindt Nederland daar consequenties aan, spreken we die landen aan en sturen we geen asielzoekers terug naar deze buitengrenslanden. Europese ambtsberichten blijven openbaar. Asielzoekers hebben tijdens de procedure recht op menswaardige opvang, rechtsbijstand, medische hulp en onderwijs voor kinderen. We verzetten ons tegen massale detentie aan de grens, in het bijzonder tegen detentie van kinderen. Wie veilig terug kan en geen recht heeft op asiel, wordt ondersteund bij terugkeer naar het land van herkomst. We spannen ons in de EU maximaal in voor een eerlijke verdeling van vluchtelingen over de lidstaten. We nemen daarbij onze eigen verantwoordelijkheid qua opvang, en kiezen ervoor om solidariteit niet af te kopen."
"Eerste levensbehoeften en uitgeprocedeerden. Iedereen die in Nederland verblijft, heeft recht op eerste levensbehoeften als zorg (inclusief mondzorg), onderdak, voedsel en rechtsbijstand. Vreemdelingendetentie mag alleen als uiterste maatregel, onder strikte voorwaarden en in lijn met Europese regelgeving. Zoveel mogelijk wordt ingezet op alternatieven voor bewaring, zoals het opleggen van een meldplicht. Gezinnen en kinderen komen nooit in detentie, hiervoor komen open, gezinsvriendelijke locaties. Soms is terugkeer niet mogelijk, bijvoorbeeld wanneer het land van herkomst niet meewerkt. We voorkomen zo veel mogelijk dat deze mensen zonder papieren en perspectief op straat moeten leven. Dat doen we bijvoorbeeld door ruimere hantering van het buitenschuldcriterium of het koppelen van verblijfsrecht aan staatloosheid of begeleiding bij terugkeer als dit later toch nog mogelijk blijkt. We zetten alles op alles om zogenaamde illegaliteit niet strafbaar te stellen. Geen mens is illegaal."
"Efficiƫnte procedures en eerlijke opvang. We voeren de Spreidingswet uit en kiezen zo veel mogelijk voor kleinschalige en volwaardige opvang met een open uitstraling, waar anderen, zoals buurtbewoners de mogelijkheid krijgen om naar toe te kunnen om onder andere deel te nemen aan allerlei activiteiten. Ook Nederlanders, zoals studenten en spoedzoekers, krijgen de mogelijkheid om daar te kunnen wonen en te verblijven. We maken financieringsafspraken voor de lange termijn en vragen gemeenten een ijzeren voorraad aan opvangplekken te houden. Dat is duidelijker en goedkoper voor iedereen. De IND wordt langjarig versterkt. De minister moet gebruik maken van diens discretionaire bevoegdheid in schrijnende gevallen. We onderzoeken of betere inzet van de discretionaire bevoegdheid mogelijk is, bijvoorbeeld door een commissie van experts. We investeren in de communicatie met buurtbewoners en nemen hun zorgen serieus. We waarderen vrijwilligers die een onmisbaar steentje bijdragen aan de integratie van vluchtelingen in onze samenleving. Alle opvanglocaties moeten voldoen aan humane minimumvoorwaarden, waardoor mensen de ruimte hebben om te leven, en waarbij het recht op privacy en de toegang tot publieke voorzieningen wordt gewaarborgd. In opvanglocaties wordt extra bescherming gegarandeerd voor kwetsbare groepen zoals vrouwen, LHBTQIA+-personen, alleenstaande minderjarigen en mensen met een handicap. Indien nodig komen er aparte opvanglocaties om hun veiligheid te waarborgen. We staan voor een inclusieve samenleving waarin ieder kind zich veilig kan ontwikkelen. We willen onder voorwaarden een regeling maken om de kleine groep van mensen die al langdurig als ongedocumenteerde in Nederland verblijven en kinderen die zonder documenten in Nederland zijn opgegroeid, duurzaam perspectief te bieden in lijn met art. 3. 'Internationaal Verdrag van de Rechten van het Kind (IVRK)'."