De regering moet onderzoeken of de industrie uit Nederland verdwijnt. Hoge energiekosten en problemen met het stroomnet (netcongestie) zorgen voor druk op bedrijven. Als bedrijven naar het buitenland gaan, verdwijnen banen en stijgt de wereldwijde CO2-uitstoot soms zelfs. Ook wordt Nederland afhankelijker van andere landen. De regering moet deze risico's goed in kaart brengen.
Motie van de leden Boomsma en Van den Berg over de-industrialisering en weglek monitoren
De kamer,
constaterende dat de Nederlandse industrie onder toenemende druk staat
door hoge energiekosten en netcongestie;
constaterende dat verplaatsing van bedrijvigheid naar het buitenland kan
leiden tot weglekeffecten, waarbij productie en werkgelegenheid
verdwijnen uit Nederland zonder dat de mondiale CO2-uitstoot afneemt
en per saldo soms juist toeneemt;
overwegende dat het voor effectief klimaat- en industriebeleid van belang
is om niet alleen de nationale CO2-reductie te meten, maar ook dergelijke
weglekeffecten te betrekken, en daarnaast rekening te houden met
strategische afhankelijkheden;
verzoekt de regering de de-industrialisering en weglek te monitoren op de
volgende punten:
– de verplaatsing van industriële activiteiten uit Nederland naar andere
landen;
– de weglekeffecten daarvan en dus de gevolgen niet alleen voor de
Nederlandse maar ook voor de mondiale CO2-uitstoot;
– de gevolgen voor strategische afhankelijkheden en leveringszekerheid;
– en de Kamer hierover een zo goed mogelijke rapportage te geven.
Argumenten voor: De partij wil de strategische autonomie van Europa vergroten en de afhankelijkheid van autoritaire regimes of landen buiten de Europese Economische Ruimte verminderen [3][4][6]. De partij pleit specifiek voor de uitbreiding van CBAM (de Europese CO₂-grensheffing) om de uitstoot van geïmporteerde goederen eerlijk te beprijzen, wat lokale, duurzame alternatieven aantrekkelijker maakt en zo de effecten van weglek tegengaat [7]. Daarnaast wil de partij de impact van belangrijke industriële sectoren in kaart brengen [1] en de impact van de winning van materialen voor de energietransitie elders in de wereld monitoren [5].
Argumenten tegen: De partij geeft aan dat er voor grootvervuilers die niet tijdig verduurzamen geen plek is in Nederland [2] en dat bedrijven die internationaal niet concurrerend zijn, stapsgewijs moeten worden afgebouwd [3]. Dit zou theoretisch kunnen leiden tot het verdwijnen van bepaalde industriële activiteiten.
Bronnen:
"Industrieën van de toekomst. Schaarste in ruimte, energie en arbeid vraagt om fundamentele economische keuzes. Wij kiezen voor duurzame bedrijven met fatsoenlijk werk en toekomstperspectief. We brengen de CO2- en milieuimpact van industrieën zoals de chemie-, staal- en Defensie-industrie in kaart en beperken de impact van deze sectoren zoveel mogelijk."
"Keuzes maken met groene industriepolitiek. Wij kiezen voor bedrijven die toekomst hebben in Nederland. Ruimte, personeel, energie, netcapaciteit en grondstoffen zijn namelijk schaars en de wereld verandert snel. Daarom helpen we bedrijven die passen in de schone en eerlijke economie van de toekomst, samen met Europese bondgenoten. Voor grootvervuilers die niet tijdig verduurzamen is geen plek in ons land. Zo maken we Nederland en de EU wereldleider in schone economie. We maken duidelijke afspraken met de industrie over hun toekomst. In de groene industriepolitiek mag een transitieplan voor de Rotterdamse haven dat in lijn is met de klimaatdoelen van Parijs niet ontbreken. Hierin moeten ook indirecte ketenemissies worden meegenomen."
"Europese industriepolitiek gebaseerd op maatschappelijke behoefte. Een Europese industriepolitiek betekent niet alleen dat Europa minder afhankelijk moet zijn van autoritaire regimes. Het betekent ook dat we de vraag stellen: welke industrieën zijn maatschappelijk écht noodzakelijk en hoe kunnen we deze zo snel mogelijk verduurzamen? Wij willen dat de EU een inventarisatie maakt van welke producten en processen essentieel zijn voor de samenleving zoals de productie van staal voor windmolens, treinen of essentiële chemische stoffen. Deze inventarisatie moet democratisch tot stand komen, met inbreng van vakbonden, milieuorganisaties, wetenschappers en lokale gemeenschappen, in plaats van door industriële lobby's en kapitaaleigenaren. De Europese Unie stuurt de verduurzaming van deze industrie via openbare aanbestedingen op lange termijn. Bedrijven en landen die het duurzaamst en meest efficiënt produceren krijgen voorrang. Grote vervuilers die internationaal niet concurrerend blijken, worden stapsgewijs afgebouwd, met een rechtvaardige transitie en nieuwe kansen voor werknemers. Zo bouwen we aan een Europese industriepolitiek die de klimaatcrisis aanpakt en de belangen van mensen en milieu boven winst stelt."
"Digitale autonomie en industriepolitiek in Europa. Nederland kent veel innovatieve ICT-bedrijven, maar is toch afhankelijk van Amerikaanse en Chinese leveranciers. Samen met Europese partners maken we haast met het bouwen van Europese alternatieven en het stallen van data op Europees grondgebied en zorgen we dat het uitsluitend onder Europees recht valt. Zo maken we de hele overheid minder afhankelijk van landen buiten de Europese Economische Ruimte en bergen we overheidsinformatie veiliger op. Om dit meer kracht bij te zetten investeren we in de Rijkscloud. Voor het stellen van prioriteiten in het bouwen aan digitale autonomie, kiezen we een risico-gedreven aanpak, waarbij we de gehele technologiestack in samenhang benaderen. We ondersteunen initiatieven voor Europese chipfabrieken en sturen bij de Europese Commissie aan op publieke garanties, zoals bij het InvestEU-programma. In Nederland omarmen we het ecosysteem van innovatieve mkb'ers en stimuleren start-ups in de tech-sector. De Rijksoverheid geeft als grootste IT-afnemer van het land de voorkeur aan Europese digitale diensten. Dat leidt tot hoogwaardige werkgelegenheid en versterkt de economie."
"Duurzame en goedkope stroom van eigen bodem. Gebruik van fossiele brandstoffen zorgt voor afhankelijkheid van landen als Rusland, Saoedi-Arabië en Qatar. Met investeringen in schone energie van eigen bodem, zoals zon en wind, maken we ons minder afhankelijk van autoritaire regimes. Ook daarom kiezen we voor ambitieus klimaatbeleid. Elektriciteit uit zon en wind wordt het motorblok van ons toekomstig energiesysteem en we bouwen de gaswinning op land en zee versneld af. We slaan energie op voor wanneer het even niet waait of de zon niet schijnt, bijvoorbeeld met behulp van batterijen. Gascentrales die draaien op groene waterstof zijn de achtervang voor langere periodes zonder wind of zon. We waken ervoor dat het uit de grond halen van zeldzame aardmaterialen die nodig zijn voor de duurzame energietransitie hier, niet ergens anders een negatieve bijdrage hebben op ecosystemen, werkomstandigheden en rechtvaardigheid. Nederland onderschrijft het belang van een non-proliferatie verdrag voor fossiele brandstoffen en spant zich in om een dergelijk internationaal verdrag te verwezenlijken."
"Made in Europe. We kiezen voor een groene en eerlijke economie waarin meer producten in Europa worden gemaakt. Hiermee worden we minder afhankelijk van vervuilende import en krijgen we meer grip op arbeidsrechten en het milieu, en vergroten we onze strategische autonomie. Daarom moet er voor strategische sectoren en technologieën een Europees voorkeursprincipe gaan komen in publieke aanbestedingsregels. Ook op nationaal niveau gaan we onderzoeken of we bij inkoop- en aanbestedingen voorrang kunnen geven aan Europese bedrijven."
"Een duurzaam, krachtig en innovatief Europa. Europa heeft kans om koploper te worden in een schone wereldeconomie. Dat kan met een krachtigere interne markt gecombineerd met slim industriebeleid, dat ons autonomer, productiever en duurzamer maakt. We kiezen voor kwaliteit en beschermen onze markt tegen producten die onder onze normen duiken. We maken financiering van startups eenvoudiger. Daarnaast pleiten we in de EU voor uitbreiding van CBAM, de Europese CO₂-grensheffing. Daarmee wordt de CO₂-uitstoot die gepaard gaat met de productie van geïmporteerde goederen eerlijk beprijsd en lokale alternatieven aantrekkelijker."