De regering moet een overgangsregeling maken voor kinder- en jeugdpsychologen. Zo kunnen zij als GZ-psycholoog (psycholoog in de basiszorg) aan de slag. Meer dan 1.000 mensen kunnen nu niet werken door een nieuwe regel van het ministerie van VWS. Dit zorgt voor te lange wachtlijsten. Een regeling kost niets en helpt het tekort aan behandelaren op te lossen.
Motie van het lid Diederik van Dijk c.s. over een passende overgangsregeling voor de groep K&J-psychologen die niet aan de slag kunnen als gz-psycholoog
De kamer,
constaterende dat meer dan 1.000 zorgprofessionals die de opleiding tot
kinder- en jeugdpsycholoog (bijna) hebben afgerond door een plotselinge
koersverandering van het Ministerie van VWS niet aan de slag kunnen als
gz-psycholoog;
constaterende dat er een groot tekort aan BIG-geregistreerde regiebehandelaren bestaat;
overwegende dat een overgangsregeling tot gz-psycholoog voor deze
groep K&J-psychologen geen kosten met zich meebrengt, en bijdraagt
aan betere zorg en kortere wachtlijsten, terwijl het uitblijven daarvan leidt
tot onevenredige en maatschappelijk moeilijk te rechtvaardigen gevolgen
voor werkgevers, cliënten en betrokken professionals;
verzoekt de regering om een passende overgangsregeling tot
gz-psycholoog te treffen voor deze afgebakende groep K&J-psychologen
die recht doet aan de eerder gewekte verwachtingen, de gevolgde
opleiding en de opgebouwde praktijkervaring.
Argumenten voor: De partij wil de lange wachtlijsten in de ggz aanpakken en investeren in het terugdringen hiervan [11522, 11517]. Daarnaast is er de ambitie om meer personeel te werven voor de ggz [1] en te zorgen voor voldoende personeel om de werkdruk behapbaar te maken [3]. De motie draagt direct bij aan deze doelen door een groep opgeleide professionals de mogelijkheid te bieden om als ggz-psycholoog aan de slag te gaan, wat helpt bij het verminderen van wachtlijsten [2].
Argumenten tegen: Er zijn in het verkiezingsprogramma geen argumenten opgenomen die tegen het treffen van een overgangsregeling voor zorgprofessionals pleiten.
Bronnen:
"Gelukkige kinderen. Steeds meer jongeren en kinderen hebben mentale problemen. We starten een landelijk actieplan mentale gezondheid voor jongeren om de mentale problematiek onder jongeren terug te dringen. Ook gaan we meer personeel werven voor de GGZ, verminderen we de administratieve lasten en maken we het beroep aantrekkelijker."
"Aanpakken wachtlijsten ggz. We investeren in het terugdringen van de lange wachtlijsten in de ggz. We breiden plaatsen in de crisisopvang uit én maken van mentale volksgezondheid een gezamenlijke (maatschappelijke) verantwoordelijkheid met extra aandacht voor de meest kwetsbaren. We zetten in op gelijke kansen op werk, wonen, sporten, onderwijs en een gezonde omgeving en verleggen de focus van het medisch model naar een integraal perspectief. Veel mensen met complexe mentale problemen hebben immers uitdagingen op meerdere levensgebieden. We maken betere afspraken met zorgverzekeraars over de bekostiging en het terugdringen van marktwerking in de ggz, zodat mensen met een complexe hulpvraag eerder worden geholpen, en over het invoeren van vrije werkruimte voor hulpverleners om te werken zonder een individuele beschikking."
"Wachtlijsten worden langer, personeelstekorten zijn nijpend en door vergrijzing neemt die druk alleen maar toe. Bovendien liggen commerciële kapers op de kust die misbruik maken van ons zorgsysteem. Voor hen staat niet het leveren van goede zorg op de eerste plaats, maar het maken van zoveel mogelijk winst. Om onze zorg van topkwaliteit te houden, moeten we nu ingrijpen. We moeten de jeugdzorg hervormen om onze kinderen recht te doen. Om ieders gezondheid te verbeteren, zetten we in op preventie, vroegsignalering en samenwerking. En we zorgen voor voldoende personeel om de werkdruk behapbaar te maken. We werken toe naar een stelsel waarin we zorg breder bezien en meer leunen op samenwerking en solidariteit. Dat is een sterke publieke zorg, waarin iedereen toegang heeft tot goede zorg, betaalbaar en dichtbij."