Afschaffen van het boerkaverbod

De regering moet de Wet gedeeltelijk verbod gezichtsbedekkende kleding, ook wel het boerkaverbod genoemd, intrekken.

Motie van het lid Van Baarle over de Wet gedeeltelijk verbod gezichtsbedekkende kleding intrekken

De kamer, verzoekt de regering de Wet gedeeltelijk verbod gezichtsbedekkende kleding, ook wel bekend als het boerkaverbod, in te trekken.
10 juni | DENK |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: tegen (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: Er is in de verstrekte tekst geen informatie te vinden die als argument kan dienen om de motie (het intrekken van het verbod) te steunen.

Argumenten tegen: De partij stelt dat het verbod op gezichtsbedekkende kleding een onderdeel kan zijn van de maatregelen om de voorwaarden voor demonstraties aan te scherpen wanneer de orde wordt verstoord [1]. Daarnaast wil de partij de invloed van bepaalde islamitische landen beperken [2], wat duidt op een kritische houding tegenover bepaalde religieuze invloeden.

Bronnen:

  1. "Het grondrecht om te demonstreren is een groot goed. Het merendeel van de demonstraties verloopt vreedzaam, maar acties die de orde buitensporig verstoren of de rechten en vrijheden van andere mensen ernstig beperken, zijn in opkomst. Om dit gerichter aan te kunnen pakken, moeten de voorwaarden om te kunnen demonstreren waar nodig aangescherpt. Onderdeel daarvan is het verbod op gezichtsbedekkende kleding en het zo mogelijk verhalen van schade op de organisatoren. Daarnaast moet intimidatie en het op andere manier verhinderen van vreedzame bijeenkomsten worden tegengegaan door misbruik van het beginsel van zicht- en gehoorsafstand aan te pakken."
  2. "De Parlementaire ondervragingscommissie ongewenste beïnvloeding uit onvrije landen (POCOB) heeft verontrustende conclusies gepresenteerd. Uit het onderzoek blijkt dat bepaalde islamitische landen met geldstromen invloed uitoefenen in onder meer moskeeën en informeel islamonderwijs. Om dit tegen te gaan leggen we geldstromen uit onvrije landen aan banden. We streven er naar organisaties die dergelijke invloed uitoefenen te verbieden. Vaak zijn deze organisaties in andere landen om deze reden al verboden. Landen die onvrijheid of terrorisme subsidiëren worden gesanctioneerd. Hierin telt de dreigingsappreciatie van de NCTV zwaar mee. De Nederlandse regering stuurt geen afvaardiging naar sportevenementen in dergelijke landen."