Herstelplan voor ZIKOS-jongeren en nabestaanden

De regering moet vóór eind 2026 een herstelplan maken voor voormalige ZIKOS-jongeren en hun nabestaanden. Deze jongeren hebben ernstige psychische schade opgelopen door hun tijd in de gesloten jeugdzorg. Ook hebben nabestaanden te weinig excuses en nazorg gekregen. De overheid is verantwoordelijk voor deze groep.

Motie van het lid El Abassi over een herstel- en ondersteuningsplan voor voormalige ZIKOS-jongeren en hun nabestaanden

De kamer, constaterende dat uit het rapport Eenzaam gestorven blijkt dat voormalige jongeren van de ZIKOS-afdelingen nog altijd kampen met ernstige psychische schade en dat nabestaanden aangeven onvoldoende erkenning, excuses en nazorg te hebben ontvangen; overwegende dat de overheid een bijzondere verantwoordelijkheid draagt voor jongeren die onder haar verantwoordelijkheid in gesloten jeugdzorg verbleven; verzoekt de regering om vóór het einde van 2026 te komen met een herstel- en ondersteuningsplan voor voormalige ZIKOS-jongeren en hun nabestaanden, inclusief passende nazorg, erkenning en onafhankelijke ondersteuning.
11 juni | DENK | Aangenomen: 136–14 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma SGP

Stemverwachting: voor (onzeker, 60%)

Argumenten voor: De partij streeft naar menswaardige zorg en ondersteuning voor mensen met een levenslange en levensbrede beperking [1]. Daarnaast benadrukt de partij dat Nederland moet voldoen aan verdragsrechtelijke verplichtingen, zoals het Verdrag inzake de Rechten van het kind [2].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten die tegen het bieden van erkenning, nazorg of ondersteuning aan deze groep pleiten.

Bronnen:

  1. "Wij vinden dat ieder mens mee moet kunnen doen in de samenleving. De overheid moet stigmatisering van mensen met een beperking actief tegengaan. In een land dat elke vorm van beperking of gebrek uitbant, wil niemand leven. De SGP wil dat zorg en ondersteuning voor mensen met een levenslange en levensbrede beperking menswaardig is."
  2. "Een afbouwplan voor interlandelijke adoptie is pas zorgvuldig als de internationale verdragen zoals het Haags Adoptieverdrag en het Verdrag inzake de Rechten van het kind worden nageleefd. Nederland kan niet zomaar weigeren aan de verdragsrechtelijke verplichtingen te voldoen."