De regering moet in de Europese Unie eisen dat universiteiten strenger worden gecontroleerd op hun aanpak van antisemitisme. Er zijn steeds meer antisemitische incidenten op universiteiten. Instellingen die geld krijgen uit Horizon Europe (Europees onderzoeksgeld) moeten daarom bewijzen dat ze dit aanpakken. Bij ernstige tekortkomingen moet de financiering tijdelijk worden stopgezet.
Motie van de leden Diederik van Dijk en Vermeer over pleiten voor striktere toetsing op naleving van antisemitismebeleid bij toekenning van Horizon Europe-middelen
De kamer,
constaterende dat er signalen zijn van toenemende onveiligheid en
antisemitische incidenten op universiteiten in de Europese Unie;
overwegende dat instellingen die gebruikmaken van publieke Europese
middelen, waaronder Horizon Europe, moeten kunnen aantonen dat zij er
alles aan doen om sociale veiligheid op hun instelling voldoende te
waarborgen;
verzoekt de regering in Europees verband te bepleiten dat bij de
toekenning van Horizon Europe-middelen strikter wordt getoetst op de
aanwezigheid en naleving van antisemitismebeleid binnen kennisinstellingen, en te verkennen hoe ernstige en aantoonbare tekortkomingen
kunnen leiden tot tijdelijke opschorting of beperking van projectgelden
totdat verbeteringen zijn doorgevoerd.
Argumenten voor: De partij stelt dat Joodse Nederlanders steeds vaker te maken krijgen met antisemitisme [1] en dat Joden hun identiteit in veiligheid moeten kunnen beleven [1]. Bovendien wil de partij dat Joodse organisaties meer betrokken worden bij initiatieven tegen antisemitisme [2]. Het verplicht stellen van antisemitismebeleid bij kennisinstellingen die EU-middelen ontvangen, sluit aan bij de wens om antisemitisme effectief aan te pakken en de sociale veiligheid te vergroten [1].
Argumenten tegen: De partij wijst de IHRA-werkdefinitie af omdat deze kritiek op de staat Israël als een vorm van antisemitisme kan zien [3]. De partij kan daarom vrezen dat een striktere toetsing op de naleving van antisemitismebeleid zal leiden tot het onterecht bestempelen van politieke kritiek op Israël als antisemitisme.
Bronnen:
"Joodse Nederlanders hebben steeds vaker te maken antisemitisme. Met verbale en fysieke agressie op school, op het werk, in de eigen buurt, in de sport en op sociale media. Joodse scholen moeten steeds strenger beveiligd worden. Joden moeten hun Joodse identiteit in vrijheid en veiligheid kunnen beleven. Daarbij is het van belang om de rol van Europa in het antisemitisme onder ogen te zien. Europa is de bakermat van antisemitisme. Eeuwenlang werden Joden in Europa vervolgd om hun Joods-zijn. Er gingen tal van afschuwelijke complottheorieën rond waarin Joden werden gedehumaniseerd. Hierdoor werden mensen tegen elkaar opgezet. Dit vormde de voedingsbodem voor de Holocaust, een van de grootste misdaden in de geschiedenis, waar ook veel gewone burgers in Europa aan meewerkten."
"Joodse organisaties zoals Een Ander Joods Geluid, Erev Rav en gate48 moeten geraadpleegd worden door de Nationaal Coördinator Antisemitisme Bestrijding en betrokken worden bij nieuwe initiatieven tegen antisemitisme. Deze organisaties worden niet voldoende gehoord."
"De IHRA-werkdefinitie ziet kritiek op de staat Israël als een vorm van antisemitisme. De Nederlandse overheid wijst deze definitie daarom af."