De regering moet voorkomen dat het nieuwe Europese '28ste regime' schadelijk is voor Nederlandse bedrijven en werknemers. Dit regime zorgt ervoor dat bedrijven zich niet meer aan de Nederlandse wet houden, maar aan regels van een fictieve 28ste lidstaat. Dit brengt de rechten van werknemers in gevaar en vermindert de democratische controle op de economie.
Motie van de leden Jimmy Dijk en Struijs over voorkomen dat het voorstel voor het 28ste regime een negatieve invloed heeft op onze concurrentiepositie en de rechten van werknemers
De kamer,
constaterende dat er vanuit de Europese Commissie toegewerkt wordt
naar een 28ste regime;
constaterende dat dit regime mogelijk maakt dat bedrijven die gevestigd
zijn in een EU-land, zich slechts houden aan de regels van een fictieve
28ste lidstaat, in plaats van aan de nationale wet- en regelgeving;
constaterende dat vakbonden waarschuwen voor de gevolgen voor onder
andere rechten en bescherming van werknemers;
constaterende dat dit ten koste gaat van democratische zeggenschap en
grip op onze economie en regels;
verzoekt de regering om te voorkomen dat de concurrentiepositie van
Nederlandse bedrijven en de rechten van onze werknemers negatief
beïnvloed worden door het voorstel voor het 28ste regime.
Argumenten voor: De partij wil voorkomen dat Nederlandse bedrijven een achterstand oplopen ten opzichte van hun Europese concurrenten [1] en dat nieuwe maatregelen leiden tot een nadelige concurrentiepositie [3]. Ook wil de partij bescherming tegen onevenredige lasten die voortvloeien uit EU-afspraken [2].
Argumenten tegen: De partij is fel tegen 'nationale koppen', wat betekent dat er geen nationale regels mogen worden opgelegd die zwaarder zijn dan de Europese voorschriften [4][5][1]. Als het voorkomen van het 28ste regime zou impliceren dat strengere nationale regels gehandhaafd moeten blijven boven de Europese standaard, zou dit kunnen botsen met dit standpunt.
Bronnen:
"We vinden het belangrijk dat de Nederlandse bedrijven niet verder op achterstand komen ten opzichte van hun concurrenten in Europa en dat er geen verdere nationale koppen op Europese fiscale maatregelen komen. Dus geen verdere beperkingen van de renteaftrek en geen Nederlandse koppen op de Europese CO2-heffing."
"Bescherming tegen onevenredige lasten. BBB verzet zich tegen eenzijdige lastenverzwaring vanuit OESO- of EU-afspraken die het mkb disproportioneel raken."
"Ook bij de invoering van eventuele nieuwe fiscale milieumaatregelen is het voor ons belangrijk dat onze Nederlandse bedrijven daardoor niet in een nadelige concurrentiepositie komen in vergelijking met hun buitenlandse concurrenten."
"Geen nationale koppen. Nederland maakt keuzes die in het belang van Nederland zijn. Er mogen geen nationale koppen komen op Europees beleid waarmee we ons zwaardere verplichtingen opleggen dan de EU voorschrijft."
"Geen nationale koppen. Er komen geen nationale koppen op Europees beleid om zo het speelveld binnen de EU gelijk te houden."