Verantwoordelijkheid van ouders bij opvoeding

De regering moet bij nieuw beleid de verantwoordelijkheid voor de opvoeding en verzorging van kinderen bij de ouders laten. De staat moet stoppen met het overnemen van deze taken. Het verzorgen van eten voor kinderen is namelijk de taak van ouders en niet die van de belastingbetaler.

Motie van het lid Raijer over bij nieuw beleid stoppen met het structureel overnemen van ouderlijke verantwoordelijkheden

De kamer, constaterende dat de regering jaarlijks 135 miljoen euro uittrekt voor schoolmaaltijden; overwegende dat het verzorgen van eten voor kinderen in de eerste plaats een verantwoordelijkheid van ouders is en dat de belastingbetaler niet steeds verder moet opdraaien voor taken die bij ouders thuishoren; verzoekt de regering bij nieuw beleid als uitgangspunt te hanteren dat opvoedings- en verzorgingstaken in de eerste plaats bij ouders liggen en te stoppen met het structureel overnemen van ouderlijke verantwoordelijkheden.
17 juni | PVV | Verworpen: 48–101 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma D66

Stemverwachting: tegen (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: Het verkiezingsprogramma bevat geen specifieke argumenten die direct steunen op het principe dat opvoedings- en verzorgingstaken primair de verantwoordelijkheid van ouders zijn of dat de overheid hiermee moet stoppen.

Argumenten tegen: De partij wil juist investeren in een stevige basis en sociale ontwikkeling voor jonge kinderen [2]. Dit wordt onderbouwd door het plan om één publieke voorziening te bouwen voor alle kinderen van 1 tot 15 jaar [2]. Daarnaast wil de partij kinderopvang bijna gratis maken en verschillende financiële regelingen voor het gezin vereenvoudigen en versterken [1].

Bronnen:

  1. "We maken kinderopvang op korte termijn bijna gratis en in de toekomst helemaal gratis. Het kindgebonden budget en de kinderbijslag voegen we samen. Zo gaan we van drie ingewikkelde regelingen naar één duidelijke bijdrage voor ouder en kind. Ook de zorgtoeslag schaffen we af. Het individuele basisbedrag zorgt ervoor dat het inkomen van mensen op peil blijft. Zo ontstaat eindelijk een systeem dat meer bestaanszekerheid biedt."
  2. "Te veel kinderen beginnen met een achterstand op de basisschool. Daarom investeren we vanaf het allereerste begin in een stevige basis en in sociale ontwikkeling. Want juist jonge kinderen hebben structuur nodig, een rijke plek om te leren en contact met leeftijdsgenoten. We bouwen aan één publieke voorziening voor alle kinderen van 1 tot 15 jaar. Daarin kan ieder kind, in eigen tempo en vanuit de eigen achtergrond, groeien. Zo verdwijnt ook het verschil tussen kinderopvang en peuteropvang of voor- en vroegschoolse educatie."