Verplichte taaleis voor werk en studie

De regering moet iedereen die langer dan drie maanden in Nederland werkt of studeert verplicht Nederlands laten leren. Taalbeheersing is nodig om mee te doen in de samenleving. Ook voorkomt het gevaarlijke situaties op de werkvloer. De verantwoordelijkheid voor dit taalonderwijs moet bij de werkgever of de onderwijsinstelling liggen.

Motie van het lid Jimmy Dijk over de taaleis uitbreiden zodat iedereen die langer dan drie maanden in Nederland komt werken of studeren, Nederlands moet leren

De kamer, constaterende dat het beheersen van een gemeenschappelijke, in ons land de Nederlandse, taal cruciaal is om onderdeel te worden van een gemeenschap en mee te komen in de Nederlandse samenleving; constaterende dat het onvoldoende beheersen van de Nederlandse taal op de werkvloer tot gevaarlijke situaties leidt; verzoekt de regering de taaleis uit te breiden zodat iedereen die langer dan drie maanden in Nederland komt werken of studeren, verplicht Nederlands moet leren; verzoekt de regering de verantwoordelijkheid van dit verplichte taalonderwijs bij de onderwijsinstelling of werkgever neer te leggen die iemand naar Nederland haalt.
18 juni | SP | Verworpen: 48–101 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CDA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 95%)

Argumenten voor: De partij beschouwt taal als de sleutel tot deelname aan de samenleving [2] en stelt dat het leren van Nederlands een taak is van nieuwkomers als onderdeel van integratie [4]. Voor arbeidsmigranten die langer in Nederland verblijven, wil de partij een verplicht taaltraject dat is gericht op werk en maatschappelijke participatie [3][5]. Hierbij wordt expliciet benoemd dat de werkgever verantwoordelijk is voor het verzorgen van de Nederlandse lessen voor deze arbeidsmigranten [1][3].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen de motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Werkgevers worden verplicht Nederlandse les te verzorgen voor hun arbeidsmigranten."
  2. "Taal is dé sleutel tot meedoen in de samenleving: op school, op het werk en in sociale contacten. Daarom willen wij een vroege taalstart die begint tijdens de asielprocedure. Inburgeringsplichtigen spreken en schrijven binnen maximaal drie jaar de Nederlandse taal."
  3. "Arbeidsmigranten die hier langdurig verblijven, volgen een verplicht taaltraject dat is toegespitst op werk en deelnemen in de samenleving. De werkgever is hiervoor verantwoordelijk."
  4. "Integratie is een wederkerige opdracht. Aan nieuwkomers is het de taak - zoals aan alle inwoners van Nederland - om vorm en inhoud te geven aan het democratisch burgerschap. Om zich aan onze wetten en regels te houden, zich actief in te spannen om te integreren en Nederlands te leren. Van de samenleving mag worden verwacht dat ze nieuwkomers eerlijke kansen geeft in het onderwijs, op een baan, en dat ze waar nodig nieuwkomers een extra zetje geeft. Van instanties zoals het COA en gemeenten mag worden verwacht dat zij zich proactief inzetten, aanspreekbaar zijn op resultaten en hun processen zo organiseren dat statushouders de beste kansen krijgen. Op die manier bouwen we met elkaar aan onze samenleving. Een samenleving waar we mensen waarderen om hun inzet en prestaties, om hun meedoen. Waar we de mens zien en niet de migrant met een andere achternaam."
  5. "Meer eisen aan integratie - Statushouders moeten verplicht inburgeren, anders verliezen ze hun status. Kinderen van statushouders volgen verplichte voor- en vroegschoolse educatie, zodat ze snel meedoen op school. Arbeidsmigranten die hier langer blijven, volgen een taaltraject. Alleen kansrijke asielzoekers krijgen sneller toegang tot de arbeidsmarkt en we zetten stevig in op statushouders aan het werk."