Het kabinet moet regels versoepelen en een langetermijnvisie tot 2040 maken voor boeren die investeren in dierenwelzijn. De huidige regels en de onzekerheid over de toekomst maken vernieuwing te moeilijk. Hierdoor kunnen boeren niet goed investeren in verbeteringen, zoals betere huisvesting of meer buitenloopruimte voor hun dieren.
Motie van het lid Den Hollander over regels versoepelen die innovaties voor het verbeteren van dierenwelzijn in de weg staan
De kamer,
overwegende dat:
– boeren die richten op een dierwaardige veehouderij vaak positieve
effecten hebben op bodemgezondheid en milieu;
– koplopers behoefte hebben aan financiële zekerheid, oftewel een
verdienmodel voor hun product;
– er een gebrek is aan juridische ruimte voor innovaties en eerlijke
concurrentievoorwaarden om integrale, dierwaardige systemen te
realiseren;
verzoekt het kabinet:
– te kijken naar het versoepelen van regels die de innovaties voor het
verbeteren van dierenwelzijn in de weg staan;
– te zorgen voor vergunningen voor het realiseren van verbeteringen in
dierenwelzijn, zoals buitenlopen en alternatieve huisvesting;
– te komen met een langetermijnvisie voor een duidelijk en stabiel
beleid van de overheid richting 2040, zodat koplopers weten dat hun
investeringen toekomstbestendig zijn.
Argumenten voor: De partij stelt dat alle dieren in de veehouderij recht hebben op vrije uitloop, daglicht en voldoende ruimte [1][5]. Ook wordt aangegeven dat de huidige wetgeving tekortschiet omdat economische belangen te vaak boven het welzijn van dieren worden gesteld [4]. Daarnaast wil de partij boeren helpen bij de overstap naar een gezonde en toekomstbestendige landbouw [6] en streeft zij naar een systeem waarin een gezond verdienmodel voor de boer mogelijk is [3].
Argumenten tegen: Aangezien de partij streeft naar een zo snel mogelijk einde aan de vee-industrie [2] en de toekomst plantaardig ziet [6], zou het ondersteunen van een stabiel beleid voor de huidige veehouderij als een vertraging van de noodzakelijke transitie gezien kunnen worden.
Bronnen:
"Alle dieren in de veehouderij krijgen vrije uitloop naar buiten met voldoende schuilmogelijkheden tegen hitte en regen. In de stal beschikken dieren over voldoende ruimte, bodembedekking en afleidingsmateriaal en hebben ze de mogelijkheid om zich terug te trekken of juist samen te zijn."
"Het fokken, uitbuiten en doden van dieren in de veehouderij is onethisch en onhoudbaar. Veel dieren zien amper daglicht. Er worden zoveel dieren gefokt, uitgebuit en gedood voor vlees, vis, zuivel en eieren dat geen milieu-, natuur- of dierenwelzijnsmaatregel is opgewassen tegen alle problemen die dat met zich meebrengt. Het aantal dieren dat voor consumptie wordt gefokt en gedood moet drastisch omlaag. Er komt zo snel mogelijk een einde aan de veeindustrie. Duurzame, smakelijke en betaalbare opvolgers van dierlijke producten bieden nieuwe hoop voor de dieren, boeren en onze toekomst. Het Rijk gaat zich actief inzetten om die transitie op een zo kort mogelijke termijn te realiseren. De toekomst is plantaardig."
"Het moet afgelopen zijn met het gratis vervuilen van de Aarde en het toebrengen van leed aan dieren. De Partij voor de Dieren wil de problemen in samenhang oplossen. Op die manier krijgen we een landbouwsysteem met gezond voedsel, een gezonde bodem en een gezond verdienmodel voor de boer. De Partij voor de Dieren heeft vertrouwen in boerenvakmanschap waarbij samen wordt gewerkt met de natuur. Juist boeren hebben de natuur nodig om in de toekomst gezond voedsel te kunnen verbouwen. Juist boeren hebben enorm veel te winnen bij schoon water, een gezonde bodem en schone lucht."
"Dieren worden vaak slechts als 'ding' beschouwd en uitgebuit voor het gemak en genot van de mens. Hun intrinsieke waarde wordt niet gezien. Elk jaar worden er in ons land meer dan 500 miljoen dieren geslacht na een ellendig bestaan in de veehouderij. De wet die dieren zou moeten beschermen schiet ernstig tekort. Bovendien gelden er veel uitzonderingen op de wet, omdat economische belangen in de praktijk stelselmatig boven de gezondheid en het welzijn van dieren worden gesteld. Het dier als verdienmodel te vaak krijgt voorrang."
"Alle dieren in de Europese veehouderij krijgen recht op vrije uitloop, daglicht, voldoende ruimte, stro en afleiding. Zolang dieren voor consumptie worden gefokt en gedood is soort-specifieke wetgeving een vereiste."
"We willen een landbouw die ruimte biedt aan kleinschalige, biologische, lokaal verankerde boeren. Deze vorm van landbouw draagt juist bij aan biodiversiteit, natuur en uiteraard een gezonde voedselproductie. In plaats van minder boeren, hebben we méér boeren nodig. En ook hier geldt: de toekomst is plantaardig. De Partij voor de Dieren is van mening dat het enige toekomstbestendige verdienmodel in de landbouw een model is waarin dieren niet worden uitgebuit. Een land- en tuinbouw die volledig inzet op plantaardige productie en natuurinclusieve methoden biedt de beste garantie voor een ecologisch, economisch en sociaal duurzame sector. De Partij voor de Dieren wil boeren helpen omschakelen naar een gezonde en toekomstbestendige landbouw."