Toegankelijke informatie voor iedereen

De regering en de Tweede Kamer moeten informatie en websites toegankelijker maken. Veel mensen met een verstandelijke beperking of leesproblemen kunnen nu niet goed meedoen aan de democratie. Begrijpelijke taal is nodig om iedereen te laten deelnemen.

Motie van het lid Vliegenthart c.s. over informatie zo veel mogelijk in begrijpelijke taal aanbieden

De kamer, constaterende dat ruim 1,1 miljoen mensen een licht verstandelijke beperking hebben en bijna 2,5 miljoen mensen moeite hebben met lezen en/of schrijven; overwegende dat onze democratie van iedereen is, maar niet iedereen volwaardig mee kan doen, door fysieke barrières of doordat informatie niet toegankelijk wordt aangeboden; overwegende dat begrijpelijke taal een belangrijke voorwaarde is om mee te kunnen doen aan onze democratie, zowel in gemeenten en provincies als landelijk; verzoekt de regering om zich in te spannen om informatie zo veel mogelijk in begrijpelijke taal aan te bieden; verzoekt de regering tevens om websites van ministeries toegankelijk te maken, in de brede zin van het woord, in overleg met (organisaties van) ervaringsdeskundigen; verzoekt het presidium van de Tweede Kamer om dit ook te doen voor de website en andere informatie-uitingen vanuit de Kamer.
22 juni | BBB, CDA, CU, D66, SP, VVD | Aangenomen: 150–0 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CDA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij streeft naar betere toegankelijkheid voor mensen met een beperking [1] en wil dat er meer programma's met audiodescriptie worden aangeboden [2]. Daarnaast wordt taal gezien als de sleutel tot deelname aan de samenleving [5] en is het belangrijk om aandacht te besteden aan de aanpak van laaggeletterdheid [3]. Bovendien vindt de partij dat de overheid een voorbeeldfunctie heeft en actief moet toetsen of haar beleid drempels wegneemt [4].

Argumenten tegen:

Bronnen:

  1. "We willen betere toegankelijkheid voor mensen met een beperking zoals in het openbaar vervoer, op de arbeidsmarkt en in gebouwen. Zowel de gemeente, de provincie als het Rijk zijn verantwoordelijk voor de implementatie van het VN-verdrag en dienen hier maatregelen voor op te nemen in hun eigen beleid."
  2. "We willen dat voor mensen met een beperking steeds meer programma's met audiodescriptie op de televisie worden aangeboden."
  3. "Het risico op laaggeletterdheid is in toenemende mate aanwezig bij een steeds grotere groep kinderen en verdient onze blijvende aandacht. Projecten als Bieb op school zijn belangrijk om lees- en taalvaardigheid te blijven bevorderen en dergelijke projecten moeten aangevuld worden met een veel bredere aanpak gericht op jong en oud."
  4. "Het Rijk heeft een voorbeeldfunctie en toetst actief het eigen beleid op uitsluiting, vooroordelen en het wegnemen van drempels. De overheid draagt bij aan bewustwording en transparantie."
  5. "Taal is dé sleutel tot meedoen in de samenleving: op school, op het werk en in sociale contacten. Daarom willen wij een vroege taalstart die begint tijdens de asielprocedure. Inburgeringsplichtigen spreken en schrijven binnen maximaal drie jaar de Nederlandse taal."