De regering moet in gesprek gaan met de Molukse gemeenschap. De Minister-President heeft excuses aangeboden voor de behandeling van de eerste generatie Molukkers. Het Ministerie van Defensie heeft daarom een bijzondere verantwoordelijkheid. Er moet onderzocht worden hoe de Minister van Defensie recht kan doen aan de Molukse gemeenschap en de KNIL-militairen (militairen in het koloniale leger).
Motie van het lid Van Baarle over inventariseren hoe de minister van Defensie verantwoordelijkheid kan nemen om recht te doen aan de Moluks-Nederlandse gemeenschap en Molukse KNIL-militairen
De kamer,
constaterende dat de Minister-President excuses heeft gemaakt voor de
behandeling van de eerste generatie Molukkers en de MoluksNederlandse gemeenschap;
overwegende dat het Ministerie van Defensie hierin een bijzondere
verantwoordelijkheid heeft;
verzoekt de regering om in gesprek met de Moluks-Nederlandse gemeenschap te inventariseren hoe de Minister van Defensie nadrukkelijk
verantwoordelijkheid kan nemen om recht te doen aan de MoluksNederlandse gemeenschap en Molukse KNIL-militairen.
Argumenten voor: De partij stelt dat Nederland een bijzondere verplichting heeft ten opzichte van de Molukkers [1]. Daarnaast wordt aangegeven dat het koloniale verleden, onder andere in Indonesië, bijzondere verplichtingen schept jegens de inwoners van die gebieden [2]. Bovendien vindt de partij dat de samenleving militairen, hun thuisfront en veteranen goede ondersteuning en zorg moet bieden [3].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten om tegen de motie te stemmen.
Bronnen:
"Nederland heeft een bijzondere verplichting ten opzichte van de Molukkers en Papoea's in Nederland en de bevolking van West-Papoea. Nederland zet zich in voor onafhankelijk toezicht op mensenrechten in West-Papoea."
"Het koloniale verleden van Nederland in Indonesië, Suriname en de Caribische delen van ons koninkrijk schept bijzondere verplichtingen jegens die landen en haar inwoners. We erkennen de zonde van het slavernijverleden en hebben oog voor de wijze waarop dit nog altijd doorwerkt in onze samenleving. Daarom wordt er geïnvesteerd in educatie en in herdenken en vieren (Keti Koti). En de verblijfsregeling voor ongedocumenteerd geraakte Surinaamse oud-Nederlanders wordt tijdelijk hervat."
"Militairen en hun naasten brengen persoonlijke offers voor onze veiligheid. Dit verplicht de samenleving om militairen, hun thuisfront en veteranen goede ondersteuning te bieden in de vorm van goed personeelsbeleid en goed(e) veteranenzorg en -beleid. Met de groei van defensie, groeit de geestelijke verzorging navenant mee."