De regering moet mbo-studenten betrekken bij de nationale talentstrategie. Dit plan moet zorgen dat het onderwijs beter aansluit op de arbeidsmarkt. Studenten moeten zelf kunnen meepraten over hun toekomst. Alleen zo weet de overheid wat zij nodig hebben voor een goede studiekeuze.
Motie van de leden Van der Plas en Tseggai over mbo-studenten en hun vertegenwoordigers actief betrekken bij de nationale talentstrategie
De kamer,
constaterende dat het kabinet werkt aan een nationale talentstrategie,
gericht op een betere aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt;
overwegende dat een succesvolle studiekeuze vraagt om keuzevrijheid,
goede informatie over kansen en perspectieven en betrokkenheid van
studenten zelf bij beleid dat hen raakt;
verzoekt de regering om mbo-studenten en hun vertegenwoordigers uit
verschillende regio’s, leerwegen en sectoren actief te betrekken bij de
talentstrategie en daarbij in kaart te brengen wat studenten zelf nodig
hebben voor een gemotiveerde en succesvolle studiekeuze.
Argumenten voor: De partij beschouwt het mbo als het kloppend hart van de economie en een essentiële springplank die zowel jongeren als Nederland vooruithelpt [1].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten die tegen het betrekken van mbo-studenten bij de talentstrategie zijn.
Bronnen:
"Het mbo is het kloppend hart van onze economie. Hier worden onze vakmensen opgeleid: de bouwers, verzorgers, monteurs, chauffeurs, koks, beveiligers, kappers, technici en zoveel meer. Zonder mbo geen draaiend Nederland. De PVV draagt het mbo een warm hart toe: een mbo waar vakmanschap, discipline en trots centraal staan. Zo houden we het mbo dé springplank die jongeren en Nederland vooruitbrengt."