De regering moet de financiering van lokale publieke media per regio nauwlettend bewaken. Vanaf 2028 verandert de financiering: gemeenten stoppen met hun bijdrage en het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek stopt met tijdelijke subsidies. Hierdoor kan er minder geld beschikbaar komen voor de journalistiek. De regering moet de Kamer direct waarschuwen bij financiƫle achteruitgang.
Motie van het lid Mohandis over monitoren hoe de totale publieke bekostiging van de lokale publiekemediaopdracht zich vanaf 2028 ontwikkelt
De kamer,
constaterende dat de gemeentelijke zorgplicht voor de bekostiging van de
lokale publiekemediaopdracht per 1 januari 2028 vervalt en wordt
vervangen door rijksbekostiging;
constaterende dat gemeenten die nu aanvullend bijdragen, voor de
periode vanaf 2028 opnieuw moeten bepalen of en in welke mate zij
middelen beschikbaar stellen voor de lokale publiekemediaopdracht;
constaterende dat de tijdelijke middelen die nu via het Stimuleringsfonds
voor de Journalistiek als gelijk bedrag per verzorgingsgebied worden
uitgekeerd, per 1 januari 2028 vervallen;
constaterende dat de extra structurele rijksmiddelen vanaf 2028 via een
nieuwe verdeelsystematiek over de verzorgingsgebieden worden
verdeeld;
verzoekt de regering per verzorgingsgebied te monitoren hoe de totale
publieke bekostiging van de lokale publiekemediaopdracht zich vanaf
2028 ontwikkelt ten opzichte van de huidige situatie en daarbij in ieder
geval de rijksbijdrage, de vooraf bekendgemaakte gemeentelijke bijdragen
voor de eerste concessieperiode en het vervallen van tijdelijke stimuleringsmiddelen te betrekken;
verzoekt de regering de Kamer te informeren zodra financiƫle achteruitgang dreigt in plaats van versterking van de journalistieke capaciteit.
Argumenten voor: De partij wil de lokale en regionale media versterken [2] en pleit specifiek voor meer structureel budget voor de NPO en de taakomroepen om onafhankelijke nieuwsvoorziening te waarborgen [3]. Daarnaast is het vinden van duurzame financieringsmodellen essentieel voor een pluriform medialandschap waarin kwaliteitsmedia kunnen floreren [1]. Een motie die vraagt om monitoring om te voorkomen dat de financiering van lokale media achteruitgaat in plaats van versterkt wordt, sluit aan bij deze doelstellingen [1][2].
Argumenten tegen: Er zijn in het programma geen argumenten te vinden die tegen het monitoren van de mediafinanciering of tegen het voorkomen van een afname in journalistieke capaciteit pleiten.
Bronnen:
"Volt wil dat Nederland zich, met de mediasector, in Europees verband inspant voor het vinden van duurzame financieringsmodellen voor een pluriform medialandschap, waarin onafhankelijke kwaliteitsmedia en onderzoeksjournalistiek floreren. Dat kan door journalisten en mediahuizen te ondersteunen bij het vinden van innovatieve financieringsmodellen, waarbij zij een eerlijk deel van de inkomsten ontvangen."
"We zetten de komende jaren in op versterking van lokale en regionale media, waarbij zowel lokale als regionale media hun eigen karakter kunnen behouden. Volt wil daarbij de samenwerking en uitwisseling van best practices tussen lokale/regionale media uit verschillende lidstaten vergroten."
"Volt pleit voor een ingrijpende hervorming van het huidige omroepbestel. We willen onderzoeken hoe de NPO kan worden omgevormd tot een omroep naar BBC-model, waarbij de huidige omroepverenigingen - net als andere maatschappelijke partijen - hun programma's kunnen aanbieden en uitvoeren als samenwerkende producenten. Er moet structureel meer budget vrijkomen voor de NPO, de taakomroepen en het productiehuis voor levende muziek om hun publieke taken op het gebied van onafhankelijke nieuwsvoorziening, kunst en cultuur, diversiteit, jeugd en educatie goed te vervullen."