Meer studieplaatsen voor diergeneeskunde

De regering moet met de Universiteit Utrecht praten om het aantal plekken voor de studie diergeneeskunde te vergroten. De universiteit moet hierbij ook extra steun krijgen om dit mogelijk te maken.

Motie van het lid Beckerman c.s. over het vergroten van het aantal plaatsen diergeneeskunde op de Universiteit Utrecht

De kamer, verzoekt de regering om met de Universiteit Utrecht in gesprek te gaan over het vergroten van het aantal plaatsen bij de studie diergeneeskunde, en de universiteit hier indien nodig bij te ondersteunen.
24 juni | SP, PvdD, PVV | Aangenomen: 149–1 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma VVD

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij vindt dat de overheid meer moet sturen op de verdeling van studentenaantallen over opleidingen om de aansluiting op de arbeidsmarkt te verbeteren [1]. Daarnaast moet de opleiding aansluiten op de vraag van de arbeidsmarkt [2] en heeft de politiek de plicht om richting te geven wanneer er sprake is van tekorten op de arbeidsmarkt [3]. Bovendien moet de bekostiging van onderwijs gebaseerd worden op de capaciteit [1].

Argumenten tegen: De partij stelt dat instellingen en studenten hun eigen keuzes moeten kunnen maken zonder dat de overheid te veel stuurt [3].

Bronnen:

  1. "Geen inhoudelijke bemoeienis, wel richting geven: Om de aansluiting op de arbeidsmarkt te verbeteren gaat de overheid meer sturen op de verdeling van aantallen studenten over opleidingen. De bekostiging moet gebaseerd worden op de capaciteit. We gaan instellingen vragen meer samen te werken, zich te profileren op thema's en minder te concurreren op studentenaantallen. De Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek wordt daartoe gemoderniseerd, zodat instellingen hun aanbod makkelijker kunnen vernieuwen."
  2. "Kansrijk opleiden: We leiden studenten kansrijk op, waarbij opleidingen goed aansluiten op de vraag van de arbeidsmarkt. We stimuleren hogescholen en universiteiten om op te leiden voor de arbeidsmarktbehoefte en laten een deel van de bekostiging afhangen van het baanperspectief van afgestudeerde studenten."
  3. "Ons mbo, hbo en wetenschappelijk onderwijs bruist van de gouden handen en de knappe koppen. Als we in de toekomst willen innoveren hebben we hun kennis en kunde hard nodig. We vertrouwen erop dat instellingen en studenten hun eigen keuzes kunnen maken, zonder een overheid die te veel stuurt. Tegelijkertijd ontslaat dat de politiek niet van de plicht om, in periodes waarin arbeidsmarkttekorten, richting te geven. De VVD wil de stap naar voren zetten: het is tijd voor een toekomstbeeld voor het mbo, hbo en wetenschappelijk onderwijs."