De regering moet extra maatregelen, tussendoelen en een tijdpad naar de Kamer sturen. Het aantal dakloze mensen stijgt, vooral onder vrouwen en jongeren. Zonder extra acties wordt het doel uit het Nationaal Actieplan Dakloosheid niet gehaald. Dit plan wil dat er in 2030 niemand meer dakloos is. Ook moeten regio's worden gesteund bij het maken van plannen voor wonen en preventie.
Motie van het lid Westerveld over aanvullende maatregelen om de doelstelling van het Nationaal Actieplan Dakloosheid in 2030 te halen
De kamer,
constaterende dat het Nationaal Actieplan Dakloosheid de ambitie heeft
dat in 2030 niemand meer dakloos is;
constaterende dat het aantal dakloze mensen stijgt en steeds meer
vrouwen door geweld achter de voordeur, scheiding, gebrek aan
economische zelfredzaamheid en zorg voor kinderen dakloos worden;
constaterende dat dakloosheid onder kinderen en jongvolwassenen stijgt
door de 18-min/18-plusproblematiek in combinatie met wachtlijsten voor
de GGZ en begeleid wonen als ook een gebrek aan passende woonvoorzieningen;
constaterende dat het Nationaal Actieplan Dakloosheid stelt dat voor
groepen mensen in een kwetsbare situatie moet worden «bezien welke
extra acties hierop mogelijk aanvullend nodig zijn»;
overwegende dat met spoed extra acties nodig zijn omdat anders de
doelstelling in 2030 niet wordt gehaald;
verzoekt de regering om voor het commissiedebat in november aanvullende maatregelen, een beschrijving van concrete tussendoelen, waar
mogelijk kwantitatief, en een tijdpad tot 2030 naar de Kamer te sturen;
verzoekt de regering ook om actief regio’s te ondersteunen, zodat «wonen
eerst» en preventie van dakloosheid onderdeel wordt van regionale
huisvestingsplannen.
Argumenten voor: De partij heeft de expliciete ambitie om dakloosheid in 2030 te beëindigen [1]. Om dit doel te bereiken, steunt de partij het 'Wonen Eerst'-beleid [1]. De motie vraagt om concrete tussendoelen en een tijdpad naar 2030, wat aansluit bij de urgentie die de partij schetst [1][3]. Daarnaast vraagt de motie om regionale ondersteuning voor 'Wonen Eerst' en preventie, wat direct aansluit bij de plannen van de partij om via sociale huisvesting en specifieke regelingen dakloosheid tegen te gaan [1][2].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten om tegen de voorgestelde maatregelen of de focus op het halen van de 2030-doelstelling te zijn; de partij pleit juist voor een zeer actieve en investerende rol van de overheid in de woningbouw [3].
Bronnen:
"Niemand slaapt op straat. Het aantal mensen dat noodgedwongen op straat, bij vrienden op de bank, of in een caravan of tentje slaapt, is de afgelopen jaren fors gestegen. Dakloosheid is primair een woonprobleem, veroorzaakt door een tekort aan betaalbare woningen en onzekere woonconstructies. We houden vast aan de afspraak om dakloosheid in 2030 te beëindigen. Om dit doel te verwezenlijken zorgen corporaties ervoor dat in elk nieuw project minstens 40% sociaal wordt gebouwd, zodat er ook voldoende aanbod beschikbaar is voor 'Wonen Eerst' beleid. Ook starten we met pilots zodat gemeenten een grotere rol krijgen in sociale huisvesting. Mensen die op zoek zijn naar een woning noemen we 'urgent woningzoekenden', om de stigmatisering die de huidige term 'daklozen' met zich meebrengt tegen te gaan. We zorgen ervoor dat mensen allereerst een betaalbaar dak boven het hoofd krijgen (Wonen Eerst) - met waar nodig extra begeleiding zodat mensen weer zelfstandig kunnen wonen."
"De leefbaarheid van wijken bevorderen. In veel wijken zien we de gevolgen van overbewoning en uithuiszetting. Regelmatig worden arbeidsmigranten op wisselende locaties gehuisvest waardoor zij geen binding krijgen met de buurt. Daarom moet er een huisvestingsverordening komen in gemeenten om verkamering tegen te gaan, zoals wordt gedaan in Roosendaal, en het huurrecht moet ook voor arbeidsmigranten gaan gelden. Om dakloosheid en overlast tegen te gaan komt er een structureel programma voor de opvang van nietrechthebbende EU-arbeidsmigranten. Zo wordt deze groep begeleid naar werk of naar het land van herkomst."
"We hebben geen tijd te verliezen. Met GroenLinks-PvdA wordt volkshuisvesting een topprioriteit. Met het grootste investeringsprogramma in decennia gaan we ruim 100.000 woningen per jaar bouwen. Het is de afgelopen jaren te vaak bij woorden gebleven, omdat de politiek niet durfde te doen wat nodig is. Daarom komen we met de grootste vernieuwing van het woonbeleid sinds de jaren negentig, toen de overheid uit de volkshuisvesting stapte. Wij maken de markt nu juist minder dominant. Bouwen wordt niet alleen in woord maar ook in daad een publieke taak. We bouwen woningen voor iedereen in Nederland, niet enkel zij die het nu al kunnen betalen. We brengen de regie op grond weer in publieke handen, zodat we samen bepalen hoe ons landschap eruitziet in plaats van speculanten die uit zijn op winst. We komen met een Wet versnelling woningbouw om te zorgen dat we sneller kunnen bouwen. Woningbouwcorporaties Nieuwe Stijl gaan woningen realiseren waar je trots op kunt zijn. We hebben het eerder gedaan. En als we samen de schouders eronder zetten, kunnen we het opnieuw."