De regering moet meer investeren in de circulaire economie en beleid maken voor producten die langer meegaan en makkelijker te repareren zijn. Hergebruik en reparatie verminderen de vraag naar nieuwe grondstoffen. Dit maakt de economie sterker en minder afhankelijk van andere landen.
Motie van de leden Kostić en Teunissen over investeringen in circulaire infrastructuur intensiveren
De kamer,
constaterende dat hergebruik en reparatie de vraag naar primaire
grondstoffen aanzienlijk kunnen verminderen;
overwegende dat Nederland hiermee zowel zijn strategische autonomie
als economische weerbaarheid versterkt;
overwegende dat reparatie van bijvoorbeeld elektronica nu vaak wordt
belemmerd door hoge kosten, beperkte beschikbaarheid van onderdelen
en restricties vanuit producenten;
verzoekt de regering om investeringen in circulaire infrastructuur te
intensiveren, en beleid te ontwikkelen dat ontwerp voor reparatie en
langere levensduur stimuleert, waarbij onder andere worden meegenomen:
– versterking van het recht op reparatie;
– maatregelen om reparatie financieel aantrekkelijker te maken;
– minimumvereisten voor levensduur en repareerbaarheid van
producten.
Argumenten voor: De partij streeft naar strategische autonomie en het behouden van essentiële productiecapaciteit in Nederland of Europa [2]. Het versterken van de economische en defensieve slagkracht door te investeren in sectoren die bijdragen aan de nationale weerbaarheid is een belangrijk doel [1][5]. De wens om een weerbaar en innovatief maakland te blijven, sluit aan bij de motie die hergebruik ziet als middel om de autonomie te vergroten [3].
Argumenten tegen: De partij waarschuwt dat beleid dat de productie duurder en complexer maakt, de Nederlandse industrie onder druk zet [4]. Daarnaast pleit de partij voor 'minder beleid en meer uitvoering', terwijl de motie juist vraagt om de ontwikkeling van nieuwe beleidskaders en minimumvereisten [5].
Bronnen:
"BBB vindt dat Nederland moet blijven maken en bouwen. De industrie is onmisbaar voor de voedselproductie, woningbouw, energietransitie, defensie, maritieme slagkracht en de regionale economie. Zonder sterke industrie géén strategische autonomie, geen fatsoenlijke werkgelegenheid en geen duurzame toekomst. We vinden het belangrijk om te investeren in sectoren met zowel civiele als militaire toepassingen om zowel de economische als defensieve slagkracht te versterken."
"Strategische autonomie bewaken. Essentiële productiecapaciteit en kritieke kennis behouden we in Nederland of Europa."
"Deze koers zorgt ervoor dat Nederland niet alleen een kenniseconomie is, maar ook een maakland blijft: innovatief, weerbaar en regionaal verankerd."
"De Nederlandse industrie staat onder druk. Klimaatbeleid maakt productie duurder en complexer, terwijl internationale concurrenten met lagere standaarden wél ruimte krijgen. Hierdoor verdwijnen essentiële maakbedrijven naar lagelonenlanden of raken strategische ketens versnipperd. Dat maakt Nederland kwetsbaar."
"Behalve in Defensie gaan we stap voor stap verantwoord toegroeien naar investeringen die in breed verband bijdragen aan onze veiligheid en weerbaarheid. Deze bredere uitgaven versterken de nationale veerkracht, wat zich uitbetaalt in voordelen voor zowel de krijgsmacht en de economie als de samenleving als geheel. We kiezen ervoor om technologie in te zetten om de efficiëntie van de krijgsmacht te vergroten en onze manschappen zo min mogelijk in gevaar te brengen. We zullen procesmatige barrières en bureaucratie wegnemen om snelle en effectieve innovatie binnen Defensie en de bijbehorende industrie te garanderen. Minder beleid en meer uitvoering."