Extra maatregelen voor de nieuwe LVB-regeling

De regering moet extra maatregelen uitwerken voor de nieuwe regeling (het LVB). Het huidige plan beschermt de natuur, het milieu en omwonenden namelijk niet goed genoeg. Onderzoek van het RIVM laat ook zien dat de geluidsoverlast groter is dan eerder werd gedacht.

Motie van het lid Kostić over een pakket aanvullende maatregelen uitwerken zodat die later eventueel in het LVB verwerkt kunnen worden

De kamer, constaterende dat de Commissie mer concludeert dat onvoldoende is aangetoond dat het ontwerpLVB omwonenden, natuur en milieu beter beschermt, en adviseert aanvullende maatregelen achter de hand te houden; constaterende dat uit RIVM-onderzoek van 30 juni blijkt dat de geluidsoverlast groter is dan gedacht; verzoekt de regering een pakket aanvullende maatregelen uit te werken zodat die later eventueel in het LVB verwerkt kunnen worden, en hierover de Kamer zo snel mogelijk dit jaar te informeren.
30 juni | PvdD | Verworpen: 33–117 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij stelt dat de leefomgeving in Nederland niet schoon genoeg is en dat vervuiling door de industrie, het vervoer en de consument de gezondheid en het wooncomfort van burgers negatief beïnvloedt [3]. Daarnaast wil de partij de uitstoot van schadelijke stoffen door de industrie, mobiliteit en luchtvaart aanpakken [1] en benadrukt zij het belang van de rechtsbescherming van omwonenden [2]. Het verzoek om aanvullende maatregelen om natuur, milieu en omwonenden beter te beschermen sluit hiermee direct aan bij de partijstandpunten.

Argumenten tegen: De partij wijst erop dat de vergunningverlening momenteel een knelpunt is en 'op slot zit' [4]. Het toevoegen van extra maatregelen en complexiteit aan vergunningstrajecten zou de uitvoering en de economische transitie verder kunnen bemoeilijken.

Bronnen:

  1. "De Nederlandse lucht is veel te vies. We pakken de uitstoot van schadelijke stoffen in de lucht van de industrie, mobiliteit en luchtvaart aan. Gemeenten moeten voortvarend aan de slag met het Schone Lucht Akkoord."
  2. "Het aantal vluchten in Nederland wordt beperkt. Om te voldoen aan de rechtsbescherming van omwonenden en de stikstofuitstoot terug te brengen, zal Schiphol drastisch moeten krimpen. Er komt een nachtsluiting. Schiphol krijgt een normenkader voor uitstoot van CO2, NOx en zeer zorgwekkende stoffen. Lelystad Airport wordt niet geopend voor burgerluchtvaart. De gedane publieke en private investeringen worden ruimhartig gecompenseerd. Binnen Europa worden treinreizen aantrekkelijker gemaakt, door in Europees en internationaal verband ambitieuze afspraken te maken over een CO2-prijs voor de luchtvaart, invoering van een kerosineaccijns en afschaffen van de btw-vrijstelling op vliegtickets. Internationale treinverbindingen worden verbeterd en samen met andere Europese landen zorgen we voor één transparant systeem voor het boeken van internationale treinkaartjes. De vliegbelasting wordt enerzijds meer gebaseerd op de daadwerkelijke CO2-belasting, anderzijds komt er een opslag voor vluchten tot 1250 km om duurzamer vervoer per trein te stimuleren."
  3. "De leefomgeving van Nederland is niet schoon genoeg. Vervuiling door de industrie, vervoer en de consument beïnvloedt dagelijks de gezondheid en het wooncomfort van duizenden Nederlanders. Bij milieukwesties hebben burgers vaak het idee dat de overheid als vergunningverlener tegenover hen staat, in plaats van hen te steunen in de strijd om een veilige en gezonde leefomgeving."
  4. "De klimaat- en energietransitie zit in een taaie fase. Klimaatdoelen afspreken bleek nog vrij eenvoudig, klimaatdaden stellen en volhouden blijkt een stuk ingewikkelder. Dat heeft deels te maken met de ingewikkelde internationale context, maar ook met het feit dat Nederland zijn randvoorwaarden voor vergroening van de economie niet op orde heeft: het elektriciteitsnet zit overvol, de vergunningverlening zit op slot en er is een gebrek aan goed opgeleide vakmensen. Die randvoorwaarden moeten met voorrang op orde worden gebracht, anders komen burgers en bedrijven in de knel, omdat er geen reëel handelingsperspectief is (zie ook hoofdstuk 2 'Nederland van het slot')."