De regering moet de nieuwe regels voor de uitstoot van ammoniak en CO2 bij melkveebedrijven onafhankelijk laten onderzoeken. Deze regels hebben namelijk grote gevolgen voor verschillende soorten boeren. De regering moet de Kamer eerst informeren over de natuurwinst en de gevolgen voor de bedrijven voordat er definitieve besluiten worden genomen.
Motie van het lid Van der Plas over een onafhankelijke onderbouwing van de emissienorm
De kamer,
overwegende dat de emissienorm van 0,164 kilogram ammoniak en 92
kilogram CO2-eq per fosfaatrecht ingrijpende gevolgen kan hebben voor
melkveebedrijven, waaronder extensieve, grondgebonden en biologische
bedrijven;
verzoekt de regering voor deze norm onafhankelijk te laten onderbouwen
welke natuurwinst wordt bereikt, of hiermee de vergunningverlening
daadwerkelijk op gang komt en wat de gevolgen zijn voor verschillende
typen melkveebedrijven, en de Kamer hierover te informeren voordat er
onomkeerbare stappen worden gezet.
Argumenten voor: De partij stelt dat het van het grootste belang is dat de vergunningverlening voor de landbouw weer op gang komt [4]. Daarnaast wil de partij dat er ruimte is om te ondernemen en dat er toekomstperspectief wordt geboden aan boeren [6], waarbij de mogelijkheid tot gezonde bedrijfsvoering gewaarborgd moet worden [5]. Ook wil de partij de voortgang van gestelde doelen monitoren en waar nodig bijsturen [4] en maakt zij gebruik van wetenschappelijke inzichten bij het bepalen van normen [3]. De motie die vraagt om onderbouwing over de effectiviteit van de norm op de vergunningverlening en de gevolgen voor bedrijven sluit hierbij aan.
Argumenten tegen: De partij wil sturen op stikstofreductie in de landbouwsector door middel van emissienormen [1] en wil dat wetgeving zich richt op emissievermindering [2].
Bronnen:
"We sturen op stikstofreductie voor de landbouwsector, en alle overige sectoren, in 2035 (met een tussendoel in 2030). Dit kan door het instellen van een emissienorm per bedrijf. Hiermee belonen we koplopers en ligt er een grotere opgave bij bedrijven die nog meer moeten doen."
"Wetgeving (Omgevingswet met daarin de omgevingswaarden, gebaseerd op de KDW's) moet gericht zijn op emissievermindering in plaats van sturing op een percentage natuurareaal onder de KDW."
"Het CDA wil toewerken naar een hogere norm voor stikstof uit dierlijke mest op grasland. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat dit op grasland geen extra uitspoeling veroorzaakt en daarmee geen risico vormt voor de waterkwaliteit."
"Nederland moet van het stikstofslot. Voor woningbouw en andere bouwprojecten, infrastructurele projecten en landbouw is het van het grootste belang dat de vergunningverlening weer op gang komt. Sinds de PAS-uitspraak van 2019 is er te weinig gedaan om daadwerkelijk tot een oplossing te komen. We onderschrijven het plan van LTO, NAJK en de medeoverheden dat onlangs is gepresenteerd. Dit is een belangrijke eerste stap, die met het Rijk en andere organisaties verder moet worden uitgewerkt. Deze beweging moet leiden tot emissiereductie in alle sectoren op zeer korte en langere termijn, via wettelijk geborgde doelstellingen, zodat er weer vergunningen kunnen worden verleend, zodat biodiversiteit kan verbeteren, PAS-melders en interimmers kunnen worden gelegaliseerd. We monitoren voortdurend de voortgang op de gestelde doelen en sturen waar nodig bij. We doen wat nodig is."
"Het Rijk geeft langjarig commitment om fatsoenlijke bedrijfsvoering en gezonde bedrijven mogelijk te maken. Ook milieugebruiksruimte wordt vastgesteld voor de lange termijn."
"We moeten de komende periode een groot aantal grote vraagstukken tegelijk aanpakken. Voor boeren en vissers een eerlijke prijs voor het voedsel dat ze produceren, ruimte om te kunnen ondernemen, grond die betaalbaar is. Voor toekomstperspectief voor jonge boeren, zodat ze de transitie kunnen meemaken. De natuur moet worden versterkt, door investeringen in waterbeschikbaarheid en reductie van stikstofdepositie. In de wereldwijd erkende wetenschappelijke positie rondom landbouw en natuur blijven we investeren met overheid, kennisinstellingen en bedrijven."