Zekerheid over stikstofregels en vergunningen

De regering moet per Natura 2000-gebied (beschermde natuurgebieden) onderzoeken of de stikstofregels voldoende zijn. Dit is nodig om te weten of vergunningen juridisch houdbaar zijn. Zo kunnen bedrijven weer aan het werk zonder dat de rechter besluiten vernietigt. De resultaten moeten ook worden gebruikt in de regels voor de provincies.

Motie van de leden Bromet en Dassen over de juridische houdbaarheid van de voorgenomen zonering rondom stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden

De kamer, constaterende dat het kabinet kiest voor zonering rond circa 100 stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden; constaterende dat het kabinet aangeeft dat de precieze benodigde emissiereductie per gebied later dit jaar wordt vastgesteld; verzoekt de regering om na overleg met provincies per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied inzichtelijk te maken of de voorgenomen zonering, in combinatie met het totale emissiereductiepakket, voldoende is om vergunningverlening juridisch houdbaar op gang te brengen; verzoekt de regering de uitkomsten hiervan te betrekken bij de instructieregels aan provincies en de verdere gebiedsgerichte uitwerking.
1 juli | Volt | Aangenomen: 101–49 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma SGP

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 75%)

Argumenten voor: De partij pleit voor een gebiedsgerichte aanpak op basis van metingen [3] en steunt de samenwerking tussen gebiedspartijen, gemeenten en provincies voor emissiereductie en natuurherstel [2]. Daarnaast geeft de partij de voorkeur aan doelsturing boven een stapeling van middelvoorschriften [3][1].

Argumenten tegen: Het programma biedt onvoldoende informatie om een argument tegen het inzichtelijk maken van de juridische houdbaarheid van het beleid te formuleren.

Bronnen:

  1. "De SGP is kritisch over van bovenaf opgelegde eisen voor grondgebondenheid in de melkveehouderij. Het doorkruist samenwerkingsverbanden met andere bedrijven en voegt weinig toe aan normen voor doelsturing."
  2. "In verschillende gebieden, zoals de Foodvalley, wordt door gebiedspartijen, gemeenten en provincie al goed samengewerkt aan uitstootreductie, herstructurering en natuurherstel. Dat verdient alle steun en ruimte vanuit het Rijk."
  3. "Gebieden waar de landbouw weinig problemen voor de waterkwaliteit veroorzaakt, worden niet aangewezen als kwetsbaar gebied voor de Nitraatrichtlijn. Het volgende actieprogramma voor de Nitraatrichtlijn bevat de volgende elementen: 1) meer doelsturing, bijvoorbeeld op basis van het stikstofbodemoverschot, in plaats van een stapeling van middelvoorschriften, 2) een gebiedsgerichte aanpak op basis van metingen, 3) meer ruimte voor het uitrijden van mest bij hoge gewasopbrengsten."