Geen belasting voor voormalige goede doelen

De regering moet een fiscale eindheffing voor voormalige ANBI’s (stichtingen die een goed doel dienen) voorkomen. Een dergelijke belasting zorgt er namelijk voor dat geld dat bedoeld is voor goede doelen, naar de algemene staatskas gaat. Dit geld is echter juist geschonken om de samenleving te helpen.

Motie van het lid Stoffer c.s. over geen fiscale eindheffing voor voormalige anbi’s invoeren

De kamer, constaterende dat de regering voornemens is om per 2029 een bestedingsverplichting in te voeren voor voormalige anbi’s, en dat ook een fiscale eindheffing en een algemene belastingplicht voor stichtingen en verenigingen worden overwogen; constaterende dat uit het rapport Evaluatie ANBI- en SBBI-instellingen blijkt dat aan de laatste twee opties belangrijke nadelen kleven; overwegende dat een fiscale eindheffing ertoe leidt dat geld dat bedoeld is voor het algemeen nut, en ook met het oog daarop gedoneerd is, naar de algemene middelen van het Rijk vloeit, wat zeer onwenselijk is; verzoekt de regering in ieder geval geen fiscale eindheffing voor voormalige anbi’s in te voeren.
2 juli | SGP, CU, JA21 | Aangenomen: 101–49 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma D66

Stemverwachting: tegen (onzeker, 60%)

Argumenten voor: De partij streeft naar een overheid die investeert in de toekomst [3] en wil begroten op basis van de maatschappelijke kosten en baten van beleid [2]. Dit kan een argument zijn om te voorkomen dat middelen die voor het algemeen nut bedoeld zijn, naar de algemene middelen van de staat vloeien.

Argumenten tegen: De partij wil oneerlijke belastingvoordelen verminderen [1] en streeft naar een eerlijker belastingstelsel waarin grote vermogens meer betalen [2][5][4]. Daarnaast wil de partij fiscale regelingen die niet doen wat ze zijn bedoeld, evalueren of aanpassen [1].

Bronnen:

  1. "D66 wil oneerlijke belastingvoordelen verminderen. Daarom evalueren we fiscale regelingen die niet doen wat of voor wie ze zijn bedoeld goed. We passen ze aan of schaffen ze eventueel af. De landbouwvrijstelling en de bedrijfsopvolgingsregeling zijn hier voorbeelden van. Met fiscale voordelen stimuleren we innovatief en duurzaam ondernemen."
  2. "D66 wil een sterke, deskundige overheid die Nederland weer vooruitbrengt. Dat begint met minder regels, meer menselijkheid en meer ruimte voor maatwerk. We richten een eerlijker belastingstelsel in, waarin werken meer loont en grote vermogens en vervuilers meer betalen. Toeslagen maken we eenvoudiger en vervangen we stap voor stap voor een individueel basisbedrag. En we gaan anders begroten: op basis van de maatschappelijke kosten en baten van beleid, zodat we verstandig investeren in de toekomst van Nederland. Veiligheid en defensie zijn cruciaal, maar mogen nooit ten koste gaan van de samenleving die we juist willen beschermen. Daarom gaat er geen euro minder naar het onderwijs en het sociale vangnet."
  3. "We staan in Nederland voor een grote budgettaire opgave. Als we niets doen, loopt de staatsschuld op. Onze kinderen en kleinkinderen moeten dat betalen. Daarnaast vraagt de NAVO ons om meer geld vrij te maken voor defensie. Voor onze veiligheid zetten we ons hier vol voor in. Om onze economie blijvend te laten bloeien moeten we dus keuzes maken. We beperken de stijging van de zorgkosten. We investeren in het klimaat, in het bouwen van huizen, in het onderwijs, en in het herstel van de natuur en daarmee het doorbreken van de stikstofimpasse. De plannen van D66 blijven binnen de door Europa gestelde begrotingsruimte, zodat Nederland verantwoord investeert in de toekomst."
  4. "Financiële zekerheid mag geen erfelijke luxe zijn, maar is een algemeen recht. Daarom maken we de erf- en schenkbelasting moderner en progressiever. We belasten grote vermogens meer, onder meer met een miljonairsbelasting."
  5. "Eerlijke belastingen zijn de basis voor een rechtvaardig land. Maar de manier waarop we nu onze belastingen organiseren, is nodeloos moeilijk en inefficiënt. Dit leidt tot onrechtvaardige uitkomsten. Mensen die recht hebben op ondersteuning, durven dat nu te vaak niet eens aan te vragen, uit angst voor de ingewikkelde procedures waar ze in terechtkomen. Daarnaast zijn belasting op werk en belasting op vermogen oneerlijk verdeeld. Vermogen wordt te veel beloond, terwijl juist werken meer zou moeten lonen."