De regering moet bij defensie-inkopen alleen Nederlandse en Europese producenten kiezen. Nu worden er nog Chinese supervezels (sterke materialen voor bescherming) gebruikt, terwijl Nederland dit zelf ook kan maken. De afhankelijkheid van China is onwenselijk voor de eigen veiligheid en de strategische zelfstandigheid van Europa.
Motie van de leden Keijzer en Nanninga over bij defensie-inkopen uitsluitend inzetten op Nederlandse en Europese producenten
De kamer,
constaterende dat Nederland beschikt over de gehele waardeketen voor
ballistische en blastbeschermende middelen, van grondstof tot
eindproduct;
constaterende dat Defensie desondanks via bestaande contracten
gebruikmaakt van Chinese supervezels, terwijl Nederlandse capaciteit
onderbenut blijft;
overwegende dat afhankelijkheid van China voor kritieke defensietoepassingen onwenselijk is en indruist tegen het streven naar strategische
autonomie;
verzoekt de regering:
• bij defensie-inkopen uitsluitend in te zetten op Nederlandse en
Europese producenten;
• aan te sluiten bij de noodzaak de Nederlandse defensie- en civielmilitaire industrie te versterken en te internationaliseren, teneinde
Nederland de primaire toeleverancier te maken van supervezels voor
Europese defensietoepassingen;
• binnen bestaande contracten te sturen op het uitfaseren van Chinese
supervezels en benutting van Nederlandse capaciteit.
Argumenten voor: De partij wil de Nederlandse defensie-industrie versterken en de strategische autonomie bewaken [1][3]. Er wordt expliciet gestreefd naar minder afhankelijkheid van landen als China, wat ook geldt voor defensieonderdelen [4]. Daarnaast wil de partij voorkomen dat essentiële productiecapaciteit en kritieke kennis naar het buitenland verdwijnen [3][5] en wordt gepleit voor het borgen van defensie-uitgaven in Nederland [2].
Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het verkiezingsprogramma die een argument bieden om tegen de motie te stemmen.
Bronnen:
"Versterking van de Nederlandse defensie-industrie en strategische autonomie;"
"Investeren in eigen industrie. Een Wet Strategische Defensieproductie (WSDP), waarin we vastleggen dat minimaal 50 procent van de Defensiematerieel-uitgaven uiteindelijk in Nederland moet landen. Die bestedingen worden niet willekeurig verdeeld, maar doelgericht: opdrachten worden expliciet ook gegund aan bedrijven in regio's buiten de Randstad. Als we buitenlands aanbesteden, onderhandelen we maximale participatie voor Nederlandse bedrijven in de productie en het onderhoud van materieel."
"Strategische autonomie bewaken. Essentiële productiecapaciteit en kritieke kennis behouden we in Nederland of Europa."
"Tot slot wil BBB dat Nederland minder afhankelijk wordt van landen als China en Rusland. Daarom moet de maakindustrie - zoals de productie van landbouwmachines, medische apparatuur, medicijnen en defensieonderdelen - behouden en versterkt worden. Strategische autonomie begint met een sterke eigen industrie."
"Bescherming strategische ketens tegen afvloeiing. De overheid moet actief voorkomen dat toeleveranciers in essentiële ketens (zoals chipproductie, defensie, scheepsbouw, agrofood en bouwmaterialen) verdwijnen naar het buitenland."